Delden
(Nedersaksisch: Dealdn) is een stadje in de Nederlandse provincie Overijssel.
Het ligt sinds 1 januari 2001 in de gemeente Hof van Twente. Daarvoor was Delden
de hoofdplaats van de gemeente Stad Delden. Delden grenst in het noorden, westen
en zuiden aan het eveneens tot Hof van Twente behorende Deldeneresch en in het
oosten aan de geDelden (Nedersaksisch: Dealdn) is een stadje in de Nederlandse
provincie Overijssel. Het ligt sinds 1 januari 2001 in de gemeente Hof van Twente.
Daarvoor was Delden de hoofdplaats van de gemeente Stad Delden. Delden grenst
in het noorden, westen en zuiden aan het eveneens tot Hof van Twente behorende
Deldeneresch en in het oosten aan de gemeente Hengelo.
De stad Delden beslaat een oppervlakte van 5,96 km² en
telde volgens cijfers van het CBS op 1 januari 2008 7043 inwoners.
De gemeente Hof van Twente maakt deel uit van het kaderwetgebied
Regio Twente.
Delden was ook de naam van een voormalige gemeente die in 1811
was ontstaan uit het samenvoegen van het stadgericht Delden en het westelijk
deel van het richterambt Delden. Het oostelijk deel van het richterambt Delden,
namelijk de buurschappen Woolde met het dorp Hengelo, Oele en Beckum, vormde
vanaf toen de gemeente Hengelo. In 1818 werd de gemeente Delden gesplitst in
de gemeenten Stad Delden en Ambt Delden.
Inhoud [verbergen]
1 Geschiedenis
2 Bezienswaardigheden
2.1 In Delden
2.2 Rond Delden
3 Sport en recreatie
4 Verkeer en vervoer
5 Wijken in Delden
6 Trivia
7 Geboren
8 Zie ook
9 Externe links
Geschiedenis
Zie Geschiedenis van Delden voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
De oudste vermelding van Delden gaat terug tot 1036 na Christus.
Toen schonk bisschop Meinwerk van Paderborn onder andere het praedium Theldene
aan het door hem opgerichte klooster Busdorf bij Paderborn. Uit latere goederenlijsten
blijkt dat dit landgoed een hof betrof met 30 horige erven. Niet alle erven
lagen echter in Delden, minstens een erf lag in Driene, een ander in Twekkelo.
Delden zelf was in deze tijd vermoedelijk nog slechts een buurschap, het huidige
Deldeneresch. In 1239 verkocht het klooster de hof aan Johannes van Ahaus.
In 1118 wordt de kerk van Delden voor het eerst genoemd. De
bisschop van Utrecht schonk deze toen met de kerk van Enschede aan het Kapittel
van Sint-Pieter in Utrecht. Dit verkocht de rechten in Delden in 1294 door aan
het Kapittel van Sint-Lebuïnus van Deventer. De oudste bouwfragmenten van
de huidige kerk, de Oude Blasiuskerk stammen uit de 12e eeuw.
In de buurschap Delden ontstond een nederzetting van ambachts-
en kooplieden. In de 13e of begin 14e eeuw verwierf dit dorp zekere voorrechten.
Deze rechten werden in 1322 door bisschop Frederik II van Sierck bevestigd,
toen de Deldenaren hun dorp c.q. stadje verplaatsten om het beter te kunnen
verdedigen. Het stadje werd rond de al bestaande kerk opnieuw opgebouwd. In
1333 kreeg Delden vervolgens dezelfde stadsrechten als Oldenzaal.
Delden was een kleine versterkte stad met twee stadspoorten:
in het westen de Goorsepoort en in het oosten de Woolderpoort. De stad met zijn
omgrachting is goed te zien op de door Jacobus van Deventer gemaakte kaart.
Van de oorspronkelijke vestingwerken is niets overgebleven. De restanten van
de stadsgracht werden eind 19e eeuw gedempt. Uit het verloop van de straten
Noord- en Zuidwal en Noorder- en Zuiderhagen kan men echter de vorm en ligging
van de vroegere verdedigingswerken afleiden.
Ten tijde van de Nederlandse Opstand werd Delden in 1583 en
1584 ingenomen, geplunderd en in brand gestoken door respectievelijk Spaanse
en Staatse troepen. In 1655 verwoestte een grote stadsbrand 120 gebouwen, waaronder
het stadhuis, het gasthuis en een armenhuis. De Oude Kerk is het enige nu nog
bestaande gebouw dat de stadsbrand heeft overleefd.
In 1886 liet Baron van Heeckeren van Wassenaer op het landgoed
Twickel boringen naar drinkwater uitvoeren. Men stuitte bij toeval op zoutlagen.
Dit was de eerste ontdekking van zout in de Nederlandse bodem. Tot dan kwam
het zout vooral uit Duitsland. Toen de zoutimport ten tijde van de Eerste Wereldoorlog
moeilijk werd, besloot men in 1918 om zelf zout te winnen voor de Nederlandse
markt.
Het kasteel Twickel ligt vlak bij de stad. De heren van Twickel
hebben altijd veel met Delden te maken gehad. Zo heeft een heer van Twickel
de kenmerkende watertoren gebouwd en kregen de heren van Twickel het collatierecht
van de kerk in Delden in handen. Overal in Delden is trouwens ook de band voelbaar
met Twickel. Dit grootste particuliere landgoed van Nederland omvat een kasteel
met voorhof, tuinen en bijgebouwen. Overige bezienswaardige monumenten met een
grote historische waarde zijn de Houtzaagmolen, het Zoutmuseum, de Oude Blasiuskerk
en de RK Blasiuskerk.
Bezienswaardigheden
[bewerk] In Delden
Nieuwe Blasiuskerk, neogotische pseudobasiliek uit 1872. De 69,1 m hoge toren
werd voltooid in 1893.
Oude Blasiuskerk, gotische hallenkerk uit de 15e en 16e eeuw met resten van
romaanse voorganger (12e eeuw). Toren uit 1516. Deels 17e-eeuws kerkinterieur,
orgel van C.F.A. Naber uit 1847.
De Kroon, Markt 5, vroeger posthuis en logement met klokgevel uit 1764.
Rentmeesterij, Hengelosestraat, voormalige rentmeesterij van Twickel, gebouwd
in 1726 als particulier woonhuis van de richter van Delden, sinds 1838 bezit
van Twickel. In 1867 uitgebreid met torentje en verdieping.
Stadspomp op de Markt. Monument in de vorm van een pomp uit 1894. Opgericht
als dank aan de Heer van Twickel voor het aansluiten van Delden op de Twickelse
waterleiding.
Zoutmuseum, museum gewijd aan onder andere de geschiedenis van de Twentse zoutindustrie.
Gevestigd in het oudste vroegere gemeentehuis van Stad Delden (1657/1873/1906)
Rond Delden
Houtzaagmolen
Kasteel Twickel, kasteel uit de 16e, 17e en 19e eeuw met omvangrijke tuinen,
park en bossen
Noordmolen, wateroliemolen
Watertoren, gebouwd in 1894 in neorenaissancestijl
Museumboerderij De Wendezoele
Sport en recreatie
Delden heeft twee voetbalclubs. De grootste (van oorsprong katholieke) is VV
Rood-Zwart. De kleinere voetbalclub is SV Delden.
Op sportpark de Mors bevinden zich voetbalclub SV Delden, de
tennisclub, de handbalclub en de korfbalclub. Ook bevindt zich hier het gelijknamige
opluchtzwembad de Mors. Dit bad trekt in de zomermaanden altijd veel bezoekers
vanuit heel Twente. Op sportpark 'De Scheetheuvel', gelegen aan de westzijde
van Delden, bevinden zich de velden van VV Rood-Zwart.
Tevens kent Delden een lange scoutinghistorie van drie scoutingverenigingen
(De Kardinaal Van Rossum-groep, de Elisabethgroep en de Twickelgroep). In 1998
gingen de Van Rossum-groep en de Elisabethgroep samen verder onder de naam Van
Rossum-Elisabeth. De Twickelgroep fuseerde in 2003 met de andere groep. De naam
bleef echter Van Rossum-Elisabeth. In 2006 werd de nieuwe blokhut voltooid en
sindsdien bevindt Scouting Delden zich aan de rand van het recreatiegebied de
Mors.
Delden is gelegen aan de Europese wandelroute E11, die loopt
van Den Haag naar het oosten, op dit moment tot de grens Polen/Litouwen. Ter
plaatse is de route ook wel bekend als Marskramerpad of Handelsweg. De route
loopt onder andere door landgoed Twickel.
Verkeer en vervoer
Sinds 1 november 1865 beschikt Delden over een station en een spoorverbinding
met Zutphen en Hengelo, onderdeel van Staatsspoorlijn D Zutphen-Hengelo-Enschede-Gronau.
Sinds 2005 onderhoudt Syntus een halfuursdienst voor reizigersvervoer met Zutphen
en Hengelo/Oldenzaal.
Delden ligt aan de weg N346 die leidt naar de snelweg A35.
Aan de zuidkant van Delden ligt
meente Hengelo.
De stad Delden beslaat een oppervlakte van 5,96 km² en telde volgens cijfers van
het CBS op 1 januari 2008 7043 inwoners. De gemeente Hof van Twente maakt deel
uit van het kaderwetgebied Regio Twente. Delden was ook de naam van een voormalige
gemeente die in 1811 was ontstaan uit het samenvoegen van het stadgericht Delden
en het westelijk deel van het richterambt Delden. Het oostelijk deel van het richterambt
Delden, namelijk de buurschappen Woolde met het dorp Hengelo, Oele en Beckum,
vormde vanaf toen de gemeente Hengelo. In 1818 werd de gemeente Delden gesplitst
in de gemeenten Stad Delden en Ambt Delden. Inhoud [verbergen] 1 Geschiedenis
2 Bezienswaardigheden 2.1 In Delden 2.2 Rond Delden 3 Sport en recreatie 4 Verkeer
en vervoer 5 Wijken in Delden 6 Trivia 7 Geboren 8 Zie ook 9 Externe links [bewerk]
Geschiedenis Zie Geschiedenis van Delden voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
De oudste vermelding van Delden gaat terug tot 1036 na Christus. Toen schonk bisschop
Meinwerk van Paderborn onder andere het praedium Theldene aan het door hem opgerichte
klooster Busdorf bij Paderborn. Uit latere goederenlijsten blijkt dat dit landgoed
een hof betrof met 30 horige erven. Niet alle erven lagen echter in Delden, minstens
een erf lag in Driene, een ander in Twekkelo. Delden zelf was in deze tijd vermoedelijk
nog slechts een buurschap, het huidige Deldeneresch. In 1239 verkocht het klooster
de hof aan Johannes van Ahaus. In 1118 wordt de kerk van Delden voor het eerst
genoemd. De bisschop van Utrecht schonk deze toen met de kerk van Enschede aan
het Kapittel van Sint-Pieter in Utrecht. Dit verkocht de rechten in Delden in
1294 door aan het Kapittel van Sint-Lebuïnus van Deventer. De oudste bouwfragmenten
van de huidige kerk, de Oude Blasiuskerk stammen uit de 12e eeuw. In de buurschap
Delden ontstond een nederzetting van ambachts- en kooplieden. In de 13e of begin
14e eeuw verwierf dit dorp zekere voorrechten. Deze rechten werden in 1322 door
bisschop Frederik II van Sierck bevestigd, toen de Deldenaren hun dorp c.q. stadje
verplaatsten om het beter te kunnen verdedigen. Het stadje werd rond de al bestaande
kerk opnieuw opgebouwd. In 1333 kreeg Delden vervolgens dezelfde stadsrechten
als Oldenzaal. Delden was een kleine versterkte stad met twee stadspoorten: in
het westen de Goorsepoort en in het oosten de Woolderpoort. De stad met zijn omgrachting
is goed te zien op de door Jacobus van Deventer gemaakte kaart. Van de oorspronkelijke
vestingwerken is niets overgebleven. De restanten van de stadsgracht werden eind
19e eeuw gedempt. Uit het verloop van de straten Noord- en Zuidwal en Noorder-
en Zuiderhagen kan men echter de vorm en ligging van de vroegere verdedigingswerken
afleiden. Ten tijde van de Nederlandse Opstand werd Delden in 1583 en 1584 ingenomen,
geplunderd en in brand gestoken door respectievelijk Spaanse en Staatse troepen.
In 1655 verwoestte een grote stadsbrand 120 gebouwen, waaronder het stadhuis,
het gasthuis en een armenhuis. De Oude Kerk is het enige nu nog bestaande gebouw
dat de stadsbrand heeft overleefd. In 1886 liet Baron van Heeckeren van Wassenaer
op het landgoed Twickel boringen naar drinkwater uitvoeren. Men stuitte bij toeval
op zoutlagen. Dit was de eerste ontdekking van zout in de Nederlandse bodem. Tot
dan kwam het zout vooral uit Duitsland. Toen de zoutimport ten tijde van de Eerste
Wereldoorlog moeilijk werd, besloot men in 1918 om zelf zout te winnen voor de
Nederlandse markt. Het kasteel Twickel ligt vlak bij de stad. De heren van Twickel
hebben altijd veel met Delden te maken gehad. Zo heeft een heer van Twickel de
kenmerkende watertoren gebouwd en kregen de heren van Twickel het collatierecht
van de kerk in Delden in handen. Overal in Delden is trouwens ook de band voelbaar
met Twickel. Dit grootste particuliere landgoed van Nederland omvat een kasteel
met voorhof, tuinen en bijgebouwen. Overige bezienswaardige monumenten met een
grote historische waarde zijn de Houtzaagmolen, het Zoutmuseum, de Oude Blasiuskerk
en de RK Blasiuskerk. [bewerk] Bezienswaardigheden [bewerk] In Delden Nieuwe Blasiuskerk,
neogotische pseudobasiliek uit 1872. De 69,1 m hoge toren werd voltooid in 1893.
Oude Blasiuskerk, gotische hallenkerk uit de 15e en 16e eeuw met resten van romaanse
voorganger (12e eeuw). Toren uit 1516. Deels 17e-eeuws kerkinterieur, orgel van
C.F.A. Naber uit 1847. De Kroon, Markt 5, vroeger posthuis en logement met klokgevel
uit 1764. Rentmeesterij, Hengelosestraat, voormalige rentmeesterij van Twickel,
gebouwd in 1726 als particulier woonhuis van de richter van Delden, sinds 1838
bezit van Twickel. In 1867 uitgebreid met torentje en verdieping. Stadspomp op
de Markt. Monument in de vorm van een pomp uit 1894. Opgericht als dank aan de
Heer van Twickel voor het aansluiten van Delden op de Twickelse waterleiding.
Zoutmuseum, museum gewijd aan onder andere de geschiedenis van de Twentse zoutindustrie.
Gevestigd in het oudste vroegere gemeentehuis van Stad Delden (1657/1873/1906)
Rond Delden Houtzaagmolen Kasteel Twickel, kasteel uit de 16e, 17e en 19e eeuw
met omvangrijke tuinen, park en bossen Noordmolen, wateroliemolen Watertoren,
gebouwd in 1894 in neorenaissancestijl Museumboerderij De Wendezoele [bewerk]
Sport en recreatie Delden heeft twee voetbalclubs. De grootste (van oorsprong
katholieke) is VV Rood-Zwart. De kleinere voetbalclub is SV Delden. Op sportpark
de Mors bevinden zich voetbalclub SV Delden, de tennisclub, de handbalclub en
de korfbalclub. Ook bevindt zich hier het gelijknamige opluchtzwembad de Mors.
Dit bad trekt in de zomermaanden altijd veel bezoekers vanuit heel Twente. Op
sportpark 'De Scheetheuvel', gelegen aan de westzijde van Delden, bevinden zich
de velden van VV Rood-Zwart. Tevens kent Delden een lange scoutinghistorie van
drie scoutingverenigingen (De Kardinaal Van Rossum-groep, de Elisabethgroep en
de Twickelgroep). In 1998 gingen de Van Rossum-groep en de Elisabethgroep samen
verder onder de naam Van Rossum-Elisabeth. De Twickelgroep fuseerde in 2003 met
de andere groep. De naam bleef echter Van Rossum-Elisabeth. In 2006 werd de nieuwe
blokhut voltooid en sindsdien bevindt Scouting Delden zich aan de rand van het
recreatiegebied de Mors. Delden is gelegen aan de Europese wandelroute E11, die
loopt van Den Haag naar het oosten, op dit moment tot de grens Polen/Litouwen.
Ter plaatse is de route ook wel bekend als Marskramerpad of Handelsweg. De route
loopt onder andere door landgoed Twickel. [bewerk] Verkeer en vervoer Sinds 1
november 1865 beschikt Delden over een station en een spoorverbinding met Zutphen
en engelo, onderdeel van Staatsspoorlijn D Zutphen-Hengelo-Enschede-Gronau. Sinds
2005 onderhoudt Syntus een halfuursdienst voor reizigersvervoer met Zutphen en
Hengelo/Oldenzaal. Delden ligt aan de weg N346 die leidt naar de snelweg A35.
Aan de zuidkant van Delden ligt