Veldkrekels als thermometer
Krekels zijn koudbloedig, net als alle ongewervelde dieren.
Ze kunnen hun lichaam dus niet zelf op
temperatuur houden. Toch hebben hun spieren warmte nodig. Om goed te kunnen
leven, moeten ze dus wel af en toe in de zon gaan zitten om op temperatuur te komen.
Hoe warmer ze worden, hoe beter hun spieren werken. Dat is ook goed te meten,
als je het aantal sjirpen per 30 seconden telt bij verschillende temperaturen.
In juni 1972 kon ik dat bij 1 krekel bepalen, door op verschillende momenten op twee dagen
bij zijn holletje te gaan zitten. Ik had er een thermometer naast gelegd en heb
sjirpen geteld, terwijl de temperatuur in de loop van de avond afnam. Aan de grond bleek
het uiteindelijk zelfs nog maar 3 graden Celsius! De dag ervoor
was het warm geweest en kon ik ook 's middags een meting doen bij een hoge temperatuur.
Uit de grafiek kan je aflezen dat de krekel veel sneller sjirpte toen het warm was, dan in de
avond toen het afkoelde. Een krekel als thermometer dus!
Terug
Eerste versie december 2001, laatste wijziging 13 oktober 2003
(c) Rombout de Wijs