Samenvatting eerste reacties

De site over dit onderwerp is tussen zondagavond 5 maart en zondagavond 12 maart 495 maal bezocht. Ik kreeg reacties van 20 personen. Zoals te verwachten was waren er mensen die meenden dat dit altijd Meerkoeten waren, ook ver van water (6), mensen die meenden dat het bij hen altijd Ransuilen waren (4) en mensen die beweerden dat beiden voorkwamen (4). Twee personen hadden het ooit geleerd als Ransuil, maar hadden gemerkt dat het toch Meerkoeten waren, maar er was ook een persoon die eerst alleen aan Meerkoeten dacht, maar nu meent dat beide soorten het kunnen. Een persoon dacht altijd aan Ransuil, maar is door mijn site gaan twijfelen.

Er waren 5 waarnemers die bij dit geluid gedragingen hebben waargenomen die zij moeilijk te rijmen vonden met Meerkoet, zonder dat ze deze hadden kunnen zien. Hierbij ging het met name om waarnemingen van langs een bosrand heen en weer vliegende vogels, waarbij dit gedrag soms ook op meerdere dagen kon worden waargenomen. Ook werd Meerkoet uitgesloten geacht op locaties zeer ver van water, zoals hoog in de bergen (2x onafhankelijk en in verschillende landen), waarbij heen en weer werd gevlogen. Hierbij werd er vanuit gegaan dat dit betrekking had op individuën met territoriaal gedrag (dus geen Meerkoet) en, bij herhaling van de waarnemingen op verschillende dagen, tevens op steeds hetzelfde individu. Er werd dus niet stilgestaan bij bijv. de mogelijkheid van een voor Meerkoeten verwarrende locatie, met steeds verschillende individuen met zwerf- of trekgedrag (ik noem maar wat).

Er waren ook 3 waarnemers die hadden waargenomen dat na het horen van de betreffende roep er een Meerkoet in het water plonsde, waarbij in twee gevallen vooraf werd gereageerd door een al aanwezig exemplaar. Twee van de drie gevallen vonden plaats op 1 locatie in de Achterhoek.

Drie waarnemers hebben (soms herhaaldelijk) gezien dat het Ransuilen waren, 1 waarnemer had zelfs zichtwaarnemingen van beide soorten met deze roep geconstateerd.

Als Ransuilen een ook dergelijk geluid kunnen maken, zijn er wellicht verschillen te horen: er zijn 4 waarnemers die dit menen te kunnen onderscheiden. Drie hiervan konden dit ook onder woorden brengen, maar noemden verschillende kenmerken. Misschien kunnen andere waarnemers, die dit ook menen te kunnen onderscheiden, proberen te beschrijven waar ze die verschillen in horen?

Ik werd tevens geattendeerd op een discussie over dit onderwerp die tot tweemaal toe werd gevoerd op de Belgian birds mailing groep, waarvan de eerste plaatsvond in juni 2004. Deze discussie leed echter onder gebrek aan raadpleegbare geluidswaarnemingen, waardoor sommigen het duidelijk over verschillende geluiden hadden. Vooral opvallend was dat men het daar had over een op Waterhoen gelijkende roep. De indruk die deze discussie op mij achterliet was dat men hier vooral doelde op de roep van Ransuilen die men in Nederland vaak "kekkeren" noemt. Dat is dan dus een andere roep dan op deze site wordt bedoeld.

Overigens is het ook in de onderhavige discussie de vraag of eenieder het wel steeds over het zelfde geluid heeft en er niet soms toch wordt gedoeld op het zgn. kekkeren van de Ransuil. Helaas heb ik daar nog geen eigen opnamen van en voor het publiceren van opnamen van anderen heb ik geen rechten. Maar het sonagram daarvan wijkt toch wel flink af (zie op mijn tweede sonagrammenpagina onderaan).

Er is verschillende malen opgemerkt dat vanwege de verwarring over deze roep aantalsschattingen van Ransuil te hoog kunnen zijn uitgekomen. Als alle inventariserende vogelaars zich keurig aan de handleidingen zouden houden, zou dat geen probleem moeten zijn, omdat je dergelijke waarnemingen voor een territorium niet mee mag tellen. Maar ik heb inmiddels al heel wat resultaten van andermans broedvogelinventarisaties voor mijn werk mogen invoeren, waarbij ik regelmatig kon constateren dat men zich niet aan die regels heeft gehouden en toch beweert bijv. de BMP-methode te hebben gebruikt. Daarover zou je een discussie op zichzelf kunnen voeren! Dus valt niet uit te sluiten dat het hier en daar toch niet helemaal goed is gegaan met die Ransuilen.

Er bleek al eens een poging gedaan om 's nachts Meerkoeten en Waterhoenen te vangen op een ringstation in de duinen met "regulier" geluid. Dit leverde echter niks op, ook hoorde men geen antwoord. Dit werd geweten aan het ontbreken van een voldoend grote waterpartij ter plaatse.

Voor mijzelf kwam ik tot de volgende conclusies:

1. Meerkoeten met dit geluid kunnen 's nachts in veel delen van het land worden aangetroffen, ook in Oost-Nederland en soms zonder dat er veel open water in de buurt is.
2. Dat betekent dat men bij een waarneming van dit geluid, en zonder zichtwaarneming, er niet voor 100% zeker een Ransuil van kan maken.
3. Het loont misschien om met een nachtkijker de producenten van deze roep goed in beeld te kunnen krijgen zodat die gedetermineerd kunnen worden.

Wat het laatste punt betreft ga ikzelf binnenkort op pad op de Gooise heidevelden en bossen met een geleende beeldversterker. Ik hoop dat anderen dit ook willen proberen, bijv. in hoog en droog Nederland.
Ik ben heel benieuwd!

Rombout de Wijs


Laatste wijziging 12 maart 2006
(c) Rombout de Wijs

Vorige