Treintjesgek



Al vanaf het moment dat mijn ouders me zelfstandig door Amsterdam lieten fietsen, reed ik minstens één keer per week naar het grote Centraalstation of het inmiddels verdwenen rangeerterrein De Rietlanden, om de komende en gaande treinen te bekijken. Ook tijdens de jaarlijkse zomervakanties op de Veluwe bracht ik vele uurtjes door op kleine stations zoals Hulshorst, Harderwijk en Nunspeet. Dat het treinenvirus me stevig te pakken heeft, blijkt niet alleen uit de vele spoorfoto's en -boeken die ik in de loop van de tijd vergaarde, maar ook uit de talrijke dozen met modeltreintjes. In 1978 heb ik zelfs serieuze pogingen ondernomen om in het voormalige stationsgebouw van Ruurlo te gaan wonen, langs de lijn Zutphen-Winterswijk. Helaas strandde die poging op de uitzonderlijk hoge huurprijs en de beperkte contracttermijn. Waarom het spoor me altijd zo heeft aangetrokken, weet ik eigenlijk nog steeds niet.