|
|
Het varken
Er was eens een boerin, die een mooi, dik varken had gekocht. Ze was er heel blij mee. Ze liet het in de wei lopen. Toen het donker begon te worden, riep ze het binnen. Maar het varken luisterde niet. Het wilde niet in de schuur komen. Toen riep de boerin haar hond en zei:
,,Hond, wil je het varken bijten? Het is stout, want het wil niet binnenkomen."
,,Nee, hoor!" Zei de hond.
Toen ging de boerin naar de knuppel, die aan de wand hing. Ze vroeg:
,,Knuppel, wil je de hond slaan? Hij wil het varken niet bijten. Ik wil, dat het varken binnenkomt."
,,Nee, hoor!" Zei de knuppel.
De boerin ging toen naar het vuur en vroeg:
,,Vuur, wil je de knuppel verbranden, want de knuppel wil de hond niet slaan. De hond wil het varken niet bijten. Het varken wil niet binnenkomen."
,,Nee, hoor!" Zei het vuur.
Toen ging de boerin naar het water en vroeg:
,,Water, wil je het vuur blussen? Want het vuur wil de knuppel niet verbranden. De knuppel wil de hond niet slaan en de hond wil het varken niet bijten. En het varken wil niet binnenkomen." ,,Nee, hoor!" Zei het water.
Toen ging de boerin naar de koe en vroeg:
,,Koe, wil je het water opdrinken? Het water wil het vuur niet blussen. Het vuur wil de knuppel niet verbranden. De knuppel wil de hond niet slaan. De hond wil het varken niet bijten. En het varken wil niet binnenkomen."
,,Nee, hoor!" Zei de koe.
De boerin ging toen naar de slager en vroeg:
,,Slager, wil je mijn koe slachten? Want de koe wil het water niet op-drinken. Het water wil het vuur niet blussen. Het vuur wil de knuppel niet verbranden. De knuppel wil de hond niet slaan. De hond wil het varken niet bijten. En het varken wil niet binnenkomen." ,,Nee, hoor!" Zei de slager.
Toen ging de boerin naar het touw en vroeg:
,,Touw, wil je de slager ophangen? Want de slager wil mijn koe niet slachten. De koe wil het water niet opdrinken. Het water wil het vuur niet blussen. Het vuur wil de knuppel niet verbranden. De knuppel wil de hond niet slaan. De hond wil het varken niet bijten. En het varken wil niet binnenkomen."
,,Nee, hoor!" Zei het touw.
De boerin ging toen naar de muis en vroeg:
,,Muisje, wil je met je scherpe tandjes het touw doorbijten? Want het touw wil de slager niet ophangen. De slager wil mijn koe niet slachten. De koe wil het water niet opdrinken. Het water wil het vuur niet blus-sen. Het vuur wil de knuppel niet verbranden. De knuppel wil de hond niet slaan. De hond wil het varken niet bijten. En het varken wil niet binnenkomen."
,,Nee, hoor!" Zei de muis.
Toen ging de boerin naar de kat en vroeg:
,,Kat, wil je de muis opeten? Want de muis wil het touw niet door-bijten. Het touw wil de slager niet ophangen. De slager wil de koe niet slachten. De koe wil het water niet opdrinken. Het water wil het vuur niet blussen. Het vuur wil de knuppel niet verbranden. De knuppel wil de hond niet slaan. De hond wil het varken niet bijten. En het varken wil niet binnenkomen."
,,Ja, hoor!" Zei de kat en wilde meteen de muis opeten. Maar de muis beet in het touw. Het touw wilde vlug de slager ophangen. Maar de slager pakte een mes en wilde de koe slachten. De koe begon van het water te drinken. Toen begon het water het vuur te blussen. Het vuur wilde vlug de knuppel verbranden. De knuppel begon de hond te slaan. De hond liep naar het varken en beet dat in z'n krulstaartje. Dat deed pijn. En toen liep het varken vlug de schuur in.
En zo kreeg de boerin haar zin.
Sprookjes verhalen
Indexpagina
Index
| |