Er was eens een vrouw, die haar huis met bezems keerde. Plotseling hoorde ze onder de kast een stem jammeren: ,,Laat me met rust met je bezem. Ik doe je toch niets?" ,,Wie ben jij?" vroeg de vrouw verbaasd. ,,lk ben het stofmannetje. Ik houd van stoffige hoekjes en daar, waar helemaal geen bezem komt, voel ik me het fijnst." ,,Ben je mal," zei de vrouw streng, ,,het is al gauw Pasen en dan moet het hele huis goed schoon zijn. Ik duld geen stofnesten in mijn huis!" ,,Dan maak je een grote fout," zei het mannetje onder de kast. ,,Als je mij op een klein plaatsje laat wonen, breng ik je namelijk geluk." En het jammerde en bedelde net zo lang, tot de vrouw eindelijk toegaf en het beloofde, dat het in het verste hoekje onder de kast mocht wonen. ,,Maar als je door het huis gaat zwerven en niet in je hoekje blijft, gooi ik je door de deur eruit," dreigde de vrouw het mannetje. Sinds die tijd woont het in zijn hoekje en in het hele huis heerst vrede en geluk. Vaak denkt de vrouw aan het stofmannetje en zegt dan tegen zichzelf: ,,Als de andere vrouwen eens wisten, dat ik zo'n geest in mijn huis heb, maar wie weet, misschien hebben zij zelf ook een stofmannetje in huis en weten het niet eens!"
Sprookjes verhalen |