De pech van de eierboer


Iedere donderdag rijdt de eierboer met zijn kleine auto door onze straat. Hij parkeert zijn auto1 stapt uit en luidt een bel, net zo lang tot de huisvrouwen naar buiten komen, om bij hem verse eieren te kopen. Zijn auto staat zo vol met dozen met eieren, dat hij er maar net in kan zitten. Waar je ook kijkt, alleen maar eieren. Eens heb ik tegen de eierboer gezegd: ,,U moet wel heel voorzichtig rijden en kunt alleen maar zachtjes remmen, zodat de eieren niet door de auto heen vliegen." Hij lachte vriendelijk en zei: ,,lk let goed op, ik ben het gewend!" Maar op een dag had hij toch pech. Hij draaide onze straat in en op dat moment kwam uit een zijstraat een andere auto. Ze vlogen bijna boven op elkaar. Gelukkig kon de eierboer nog bliksemsnel uitwijken. Hij remde, je hoorde de banden gieren, hij raakte een tuinhek en kwam eindelijk tot stilstand. De kleine auto had alleen een paar krassen, maar de arme eierboer had een heleboel. Toen hij uit de auto stapte, zat hij onder het eiwit en eigeel; zijn kleren, zijn gezicht, zijn schoenen, ja zelfs aan zijn haren hing het struif. Uit zijn auto kwam een lawine rollen, er lag een reuze roerei op straat! Hij zag er zo gek uit, dat hij er zelf om moest lachen. Hij zei: ,,Nu ben ik eigenlijk pas echt een eierboer."


Sprookjes verhalen

Indexpagina

Index