World Wide Initiative for Early Childhood Care

 

Wie zijn wij?

In 1992 is er een groep ontstaan van mensen uit Denemarken, Duitsland, Nederland, België, Engeland en VS van Amerika, die werken met kinderen in de leeftijd van 0 tot 3 jaar. Na enkele kleinere, interne bijeenkomsten werd in februari 1998 een eerste internationale conferentie georganiseerd. Deze vond plaats in Denmarken en er waren ± 150 deelnemers. 

De kinderarts Dr. Michaela Glöckler gaf bij deze conferentie een lezing en is sindsdien verbonden met deze groep. De samenwerking met haar resulteerde in een eerste internationale conferentie in oktober 1999 in Dornach, waar deelnemers uit 32 landen aanwezig waren. In oktober 2001werd de tweede internationale conferentie  in Dornach gehouden (zie het verslag op de Duitse pagina)

Tijdens deze conferentie heeft de toenmalige ‘Internationale Arbeidsgruppe zur Kleinstkindbetreuung’ zich opengesteld voor de toetreding van nieuwe actieve leden. De groep draagt intussen de naam ‘World wide initiative for early childhood care’ . Alle leden werken met kinderen van 0 tot 3 jaar, echter in verschillende disciplines, maar de meesten op pedagogisch gebied - en zijn tevens docent bij een opleiding of zijn in hun eigen regio in diverse verbanden actief.

De groep bestaat intussen uit leden afkomstig uit Denemarken, Duitsland, Nederland, Zwitserland, Oostenrijk, Engeland, VS van Amerika en België en komt jaarlijks bijeen gedurende één lang weekeind. De leden wisselen uit welke activiteiten zij ontplooien, welke nieuwe ontwikkelingen en vraagstellingen zij signaleren. Ze hebben inhoudelijke gesprekken met elkaar, maken afspraken over de taakverdeling voor nieuwe activiteiten en over de uitwerking en verdieping van inhoudelijke vragen. Daarmee gaat iedereen dan weer op zijn eigen werkplek aan de slag.

Sibylle van der Schilden, september 2003

Doelen:
a. Te komen tot een intensieve uitwisseling van ervaringen omtrent de wijze, waarop de allereerste drie jaren van de kinderen door een koesterende verzorging en opvoeding zo gestalte kan worden gegeven, dat de lichamelijke, psychische en geestelijke gezondheid voor het verdere leven in de kiem kan worden aangelegd.
b. Door elkaar te leren kennen en gemeenschappelijk te werken een wereldwijd werkzame gemeenschap te vormen, die ook in spiritueel opzicht kan bijdragen tot de bescherming van het kind en een ieder in zijn streven kan bevestigen en ondersteunen.
Met kleine stapjes vooruit….
Ruim 2000 jaar geleden werd er reeds gezegd: "in een gezond lichaam leeft een gezonde geest". Deze uitspraak geeft aan, dat men zich al toen de waarde van gezondheid, resp. gezond zijn realiseerde. Tegenwoordig is dit geen vanzelfsprekende zaak meer. Cultuur en opvoeding lijken hun eigen wegen te gaan.
Toch hebben juist in onze tijd vooral jonge kinderen de hulp en het bewustzijn van opvoeders dringend nodig. De kindertijd, die voor de vorming van het mensenwezen zo wezenlijk is, wordt bedreigd door vele invloeden. Maar zij is broodnodig om het kind op gezonde wijze naar de volwassenheid te leiden. Van de huidige kinderen zal onze toekomst afhangen.
Dit besef heeft ertoe geleid, dat er rond 1992 een samenwerkingsverband is ontstaan van mensen uit Denemarken, Duitsland, Nederland, België, Engeland en Amerika. Allen werkten met kinderen in de leeftijd van 0 tot 3 jaar. Zij kwamen regelmatig bijeen voor inhoudelijke en pedagogische verdieping en uitwisseling over de behoeften en noden van het hele kleine kind. Dr. Helmut van Kügelgen was een van de dragende krachten van deze kring.
Vooral in de laatste jaren heeft deze groep zowel in kwantitatieve zin als in werkzaamheid een enorme groei doorgemaakt. Om het vele werk dat - niet alleen in eigen land, maar wereldwijd – en vooral ook in verband met de voorbereiding van de conferenties verzet moest worden te kunnen behappen, en om de draagkracht in de groep te versterken, heeft de toenmalige ‘Internationale Arbeitsgruppe zur Kleinstkindbetreuung’ zich tijdens de conferentie in 1999 opengesteld voor de toetreding van nieuwe actieve leden. De groep draagt intussen de naam ‘World Wide Initiative For Early Child-hood Care’. Zij is aangesloten bij de 'Internationale Vereinigung der Waldorfkindergärten i.V." in Stuttgart.
Leden, afkomstig uit Denemarken, Duitsland, Nederland, Zwitserland, Oostenrijk, Engeland, de VS van Amerika en België, komen jaarlijks gedurende een lang weekend bijeen.
Dit jaar waren we uitgenodigd in Duitsland. Van donderdag 6 februari  tot en met zaterdag 8 februari 2003 waren wij te gast in Frankfurt.
Aan de rand van Frankfurt in Niederursel ligt het instituut " Der Hof ".  
Door medewerking van de stad Frankfurt kon al ca. 30 jaar geleden aan de rand van het toenmalige dorp Niederursel een oude boerenhoeve worden opgeknapt, om kinderopvang te realiseren en een opleidingsinstituut te kunnen stichten. "Een hof voor kinderen" met het doel "mensen te helpen en te begeleiden bij hun taak als ouders en opvoeders, kinderen op velerlei manieren aan te moedigen en hun weerstandsvermogen krachtiger te maken", zo luidde de oproep.
Thans bevinden zich twee grote boerenhoeves in bezit van de stichting, een derde is in voorbereiding. Op therapeutisch vlak worden er aangeboden: heilpedagogie, consulten voor ouders, heileurytmie, fysiotherapie, ritmische massage en kunsttherapie. Daarnaast kan men vanaf zwangerschapsbegeleiding tot en met oudercursussen - inclusief kinderopvang tot en met kleuterschool - alles vinden, wat een mens in de huidige tijd steun kan geven, om zijn eigen opvoeding of die van het kind te begeleiden of ter hand te nemen.
Op deze unieke locatie verzamelden zich vertegenwoordigers  uit diverse landen; uit Nederland  Hanne Looij en ondergetekende.

Op verzoek van de aanwezigen hebben Claudia Grah en Stefan Krauch ons op vrijdagochtend, na het ontbijt in de "theeschuur" door middel van oefeningen laten zien en ervaren hoe zij met ouders werken. Aangezien zij beiden ook als therapeuten in "Das Haus des Kindes" regelmatig met ouders te maken hebben, hebben zij een vorm van ouderscholing ontwikkeld, waarin naast pedagogische onderwerpen (eigenlijk de hele 7-jaar fases) het kunstzinnige element een grote rol speelt.

Na het middageten en een pauze mochten wij een kijkje nemen in de ruimte, waarin de "moeder en kindgroepen" bij elkaar komen onder leiding van mevr. B. Huisinga. Deze kamer blijkt nu veel te klein en er zal in de 'nieuwe boerderij' meer plaats voor gemaakt worden.
De beide foto's van de 'Wiegestube' laten meubilair zien, dat speciaal vanuit deze zienswijze is ontworpen, om de jonge kinderen voldoende bewegingsvrijheid maar ook bescherming te bieden.
Ook de 'Wiegestube' (een andere naam voor kinderopvang van de kleintjes tot 3 jaar) zal daar haar nieuwe onderkomen vinden. Op dit moment vindt de opvang nog plaats in een woonhuis. In beide gevallen worden antroposofische menskunde geïntegreerd met de werkwijze en inzichten in vroegkinderlijke opvoeding van de Hongaarse kinderarts Emmi Pikler. (Er is onlangs een Nederlands boekje verschenen "De visie van Emmis Pikler", ISBN 90-807225-1-0. Ook verkrijgbaar via e-mail: e.piklerfonds@chello.nl.)
Wij mochten ook nu weer van een heerlijke avondmaaltijd in de theeschuur genieten. De avond was vrijgehouden voor ontmoetingen of andere behoefden. Onze groep maakte toen een verkwikkende avondwandeling door het voormalige dorp.
Op zaterdagochtend hebben wij tenslotte nog kennis gemaakt met het therapeutische deel van 'Der Hof'. Het gebouw bevindt zich samen met de gastenverblijven, de moeder-kind groepen, de lesruimtes voor de ouderscholing, de keuken en het winkeltje in de oudste van de boerenhoeves. In zijn werkkamer liet  Stefan Krauch ons o.a. zien hoe hij in de bewegingstherapie gebruik maakt van rekken en stokken.
Helaas was de bijeenkomst 's middags al weer aan zijn einde gekomen en de eerste deelnemers vertrokken na de thee huiswaarts. Enkelen van ons hadden nog een overnachting geboekt en zodoende hebben Eva Fuchs uit Wenen en ik na een gezellige avondwandeling nog  bij elkaar gezeten. Tijdens ons gesprek bleek mij, dat de bij ons reeds zo bekende vormen van dreumes- en peutergroepen, maar ook de opvang van jonge kinderen beneden de 4 jaar in Oostenrijk (althans in Wenen) nog niet of nauwelijks in de belangstelling staan, laat staan gerealiseerd zijn of kunnen worden. Eva bleek desondanks erin geslaagd te zijn om een vorm van opvang voor kleine kinderen te starten. In begin stuitte dit op veel verzet en ook nu is de financiering moeilijk en komt de waardering vanuit de kleuterschool maar met mondjesmaat. De ouders van de jonge kinderen echter zijn wel enthousiast. Het kost veel doorzettingsvermogen en innerlijke volharding en moed om door te gaan, ondanks gebrek aan begrip voor de redenen om in deze vorm van opvang te voorzien.
Vervuld van de collegiale contacten en voorzien van nieuwe ideeën en inzichten ben ook ik weer huiswaarts gekeerd. Hanne Looij en ik zaten in de trein nog na te praten. Beiden waren wij dankbaar, dat ook nu weer, dank zij deze ontmoeting, het begrip voor de noden en mogelijkheden van kleine kinderen, waar ook ter wereld in deze kring zo helder zichtbaar werd. Volgend jaar zullen we elkaar weer ontmoeten, maar deze keer in Weimar (Duitsland).

Sibylle van der Schilden, september 2003

Het volgende grote project was de derde internationale conferentie in juli 2004  in Järna.

 

Het jonge kind in Zwitserland: traditionele huiselijkheid in een snelkookpan

Verslag van Hanne Looij

Als je ondergedompeld bent in je alledaagse werk in ons kikkerlandje, vormen internationale contacten een heel verfrissende afwisseling. Je verlegt je horizon, je relativeert je eigen situatie en je leert om deze met andere ogen te bekijken. Juist door de grote verschillen in cultuur en organisatievormen worden de gemeenschappelijke pedagogische idealen sterker beleefbaar. Dat werkt zeer inspirerend.
Hieronder een verslag van de jaarlijkse bijeenkomst van de internationale werkgroep voor het jonge kind, die ditmaal in Zwitserland plaats vond. Over een warm bad van een ‘Kinderstube’ van je dromen, en over maatschappelijke ontwikkeling in een snelkookpan. Achterzijde met tuin
*De internationale werkgroep voor het jonge kind
De internationale werkgroep voor het jonge kind (World Wide Initiative for Early Childhood Care) bestaat uit 14 mensen uit West-Europa en Amerika. Allen werken met kinderen van 0-4 jaar. Velen zijn bovendien betrokken bij een opleiding voor (beroepsmatige) verzorgers van jonge kinderen. De groep komt jaarlijks 3 dagen lang bij elkaar. We zijn telkens bij een ander groepslid te gast. Daardoor kunnen we heel direct kennis maken met de situatie rondom het jonge kind in het betreffende land. Ditmaal waren we te gast bij Michaela Reichert in Thun, Zwitserland. We bezochten haar knusse 'Kinderstube' en hoorden over de crisissituatie waarin de Waldorf peuter- en kleuterklassen zich op dit moment bevinden. Inhoudelijk werkten we aan de mogelijke grondslagen en uitgangspunten voor een opleiding die speciaal gericht is op het verzorgen en opvoeden van kinderen van 0-3 jaar.
Verder hebben we hard gewerkt aan de verdere opbouw van een overkoepelende organisatie die het werken met jonge kinderen op internationaal niveau kan stimuleren, ondersteunen en verdiepen.
Herinneringsbeelden aan Sibylle van der Schilden-Glaubitz, die we met elkaar deelden, vormden ditmaal de opmaat van onze bijeenkomst. Zij nam 5 jaar lang deel aan de groep, en stierf precies een week voor ons jaarlijkse werkweekend.
*Het werk met jonge kinderen in Zwitserland

Komend vanuit het pedagogische veld in Nederland, heb je het gevoel dat de tijdsklok minstens een kwart eeuw terug wordt gezet als je hoort vertellen over de situatie in Zwitserland. Tot ongeveer 10 jaar geleden gingen alleen 6 jarigen naar de kleuterschool. Sinds die tijd gaan de meeste kinderen daar op 5 jarige leeftijd naar toe, maar zij hebben geen leerplicht. Voor 3- en 4 jarigen zijn er speelgroepen van 2 ochtenden in de week, van 2 of 3 uur per ochtend. Pas sinds 6 jaar zijn er dergelijke speelgroepen die geïnspireerd zijn vanuit de antroposofie. Kinderdagverblijven zijn er niet. De gezinssituaties zijn nog heel traditioneel en er wordt -zeker in Waldorfkringen- nog zeer sceptisch aangekeken tegen verzorging en opvoeding van jonge kinderen buitenshuis.

Vrijescholen of vrije kleuterscholen krijgen in Zwitserland geen enkele subsidie van de overheid. Dat betekent dat de ouders 900 sFr (dat is € 600,-!) schoolgeld per maand per gezin moeten opbrengen!
De wetgeving rondom kleuterscholen is de laatste jaren ingrijpend veranderd: ieder kind is verplicht om 2 jaren de kleuterschool te bezoeken, er zijn strenge regels en voorschriften geformuleerd, en er zijn leerdoelen opgesteld waar iedere school zich aan moet houden, zelfs als deze niet gesubsidieerd is zoals de Waldorf kleuterscholen. Deze ontwikkeling heeft ouders heel onzeker gemaakt. Gezien de enorme bedragen die maandelijks door de ouders opgebracht moeten worden, spreekt het voor zich dat zij bijzonder gemotiveerd moeten zijn om te kiezen voor een Waldorf(kleuter)school. Met de wet-en regelgeving van staatswege vragen de ouders zich af of de Waldorf(kleuter)scholen de vastgestelde leerdoelen wel zullen kunnen halen. In grote getale halen zij daarom hun kind van de kleuterschool af, met als gevolg dat 20% tot 25 % van de kleuterklassen in de afgelopen jaren zijn deuren heeft moeten sluiten. Uiteraard zal deze ontwikkeling de komende jaren enorme consequenties hebben voor de scholen, aangezien deze sterk afhankelijk zijn van de doorstroming vanuit de kleuterklassen. Om deze crisis het hoofd te bieden zijn er diverse initiatieven genomen voor speelgroepen en ouder- en kindgroepen. Door ouders van (heel) jonge kinderen vanaf een vroeg stadium bij de Waldorfpedagogie te betrekken, hoopt men de instroom van nieuwe leerlingen in de (kleuter)scholen in de komende jaren te waarborgen.
*De 'Kinderstube' in Steffisburg bij Thun

In de Kinderstube in Steffisburg is van deze crisis niets te merken. De Kinderstube is gehuisvest in de onderste verdieping van een woonhuis, 200 meter verwijderd van de Waldorfkleuterschool en de onder-en bovenbouw.

Er komen iedere ochtend 10 kinderen van 3 en 4 jaar oud. De sfeer is er knus en huiselijk. Het is opvallend dat vrijwel al het speelgoed door de leidsters gemaakt is: prachtige grote poppen, gebreide dieren, een houten kastje dat tot fornuis is omgebouwd, zelfgemaakte verkleedkleren en poppenkleertjes, blokken die uit stukken stronk gemaakt zijn en met de hand gegutst en geschuurd, zelfs een knikkerbaan van uitgeholde takken! Keukentje met poppen
De grote tuin is eveneens heel levendig en kunstzinnig vorm gegeven: overal zijn hoeken en slingerende paadjes, vogelhuisjes hangen in de bomen. Een blik in de schuur verraadt dat er hard gewerkt wordt in de tuin: bezems,scheppen, karren, zinken teilen, bloempotten en een overdekte werkbank waar hout gezaagd en gegutst kan worden, en waar gezaaid, gestekt of verplant kan worden.
De Kinderstube is 6 jaar geleden ontstaan doordat er toen teveel aanmeldingen waren voor de kleuterklas. In de huidige crisissituatie is het de toegangspoort en daarmee een belangrijke voedingsbron van de school. Er is grote interesse voor deze Kinderstube; er komen jonge ouders op af die weinig of niets van Waldorfpedagogie weten, maar er zich gevoelsmatig toe aangetrokken voelen. Ze zijn heel open, willen veel weten en hebben een sterke behoefte aan uitwisseling. Er wordt vanuit de Kinderstube bijzonder veel aandacht besteed aan uitwisseling met en ondersteuning van de ouders. Om de 6 weken is er een ouderavond, die over het algemeen goed bezocht wordt. Bovendien gaan de leidsters bij alle kinderen op ouderbezoek. Zij ervaren dit als een wezenlijk onderdeel van hun werk doordat ze de kinderen daardoor op een veel dieper niveau kunnen begrijpen.
Poppen in hangmat
*Opleidingen voor leidsters van kinderen 0-3 jaar
Een inventarisatie van opleidingen voor leidsters van kinderen van 0-7 jaar maakt duidelijk dat er in ieder land geworsteld wordt met de bestaande wet- en regelgeving. In Nederland zijn we erg verwend met antroposofische opleidingen die door de overheid erkend zijn en subsidie ontvangen.
Bij onze bespreking kwam naar voren dat het werken met kinderen van 0-3 jaar om een andere voorbereiding vraagt dan de bestaande opleidingen voor kleuterleidsters nu bieden. We hebben gewerkt aan de grondslagen en uitgangspunten die voor een specifieke opleiding voor verzorgers van 0-3 jarigen zouden kunnen gelden. Deze willen we het komende jaar uitwerken tot een concept voor een curriculum voor een dergelijke opleiding. Ook houden we ons bezig met de vraag welke leermethodes en oefenwegen geschikt zouden zijn om de innerlijke houding te ontwikkelen die nodig is voor dit beroep, zoals eerbied, dankbaarheid en onbevangenheid.
* Internationale conferentie
We hebben de conferentie die afgelopen zomer in Järna heeft plaats gevonden geëvalueerd. De wens werd uitgesproken om deze conferentie een vervolg te geven. Onderzocht wordt of dit mogelijk zou zijn in Noord-Amerika of Canada, in 2007.
Verder willen we alle adressen van instellingen voor jonge kinderen van 0 tot 3 jaar (wereldwijd !) bundelen, waardoor onderlinge uitwisseling vergemakkelijkt wordt en een internationaal orgaan ter ondersteuning van de pedagogie voor jonge kinderen langzaam vorm kan krijgen.
 

Back to Basic: een oerig buitenleven als pedagogisch instrument.  

Februari 2006

Een verslag van het bezoek van de internationale werkgroep 0-3 aan de kinderopvang/ kleuterklas van Helle Heckmann in Kopenhagen 

 Door Hanne Looij

Géén esthetische jaartafel, géén kneuterige poppenhoek, maar een buitenleven in uiteenzetting met de oerkrachten van de natuur: dat kenmerkt de kinderopvang/ kleuterklas van Helle Heckmann in Kopenhagen.

Dit jaar was de internationale werkgroep voor het kleine kind bij haar te gast tijdens de jaarlijkse werkbijeenkomst in februari. Hieronder een verslag over het werk van Helle Heckmann, en over de inspanningen van de werkgroep om op internationaal niveau uitwisseling, ondersteuning en kwaliteitsverbetering te bevorderen.

 DE GROEP VAN HELLE HECKMANN

 Denemarken: een heel jaar ouderschapsverlof

In Denemarken hebben moeders na de geboorte van een kind recht op een heel jaar ouderschapsverlof. En dat met doorbetaling van 80% van hun salaris! Na dat eerste jaar gaan ze weer aan het werk; thuis blijvende moeders kent Denemarken niet. Bij een tweede of derde kind zijn ze weliswaar opnieuw een jaar thuis met de baby, maar de oudere kinderen gaan dan toch naar de kinderopvang.

Kinderopvang vormt in Denemarken dikwijls één geheel met een kleuterklas. De kinderen zijn namelijk pas vanaf hun 6e jaar leerplichtig. Het is daarom heel gebruikelijk dat kinderen van 1 tot 6 jaar oud samen in één groep zitten.

In een buitenwijk van Kopenhagen leidt Helle Heckmann een dergelijke groep. Niet in een school of ‘officieel’ gebouw, maar in een voormalig woonhuis dat zich aan de buitenkant niet onderscheidt van de andere huizen in de straat. Samen met een andere leidster en een stagiaire heeft ze de zorg voor 26 kinderen van 1 tot 6 jaar oud. In principe heeft de groep een vaste samenstelling: alle kinderen komen iedere dag van 8.00 tot 15.00 uur. 

Kopenhagen 2006, hal van kleuterklas met uitzicht op de tuin.jpg (102674 bytes) Kopenhagen 2006, hooimand om gekookt graan warm te houden.jpg (78039 bytes) Kopenhagen 2006, houten bedjes onder afdak.jpg (60439 bytes)
Hal van de kleuterklas met uitzicht op de tuin Hooimand om gekookt graan warm te houden Houten bedjes onder afdak

Buiten werken

Wie houdt van kneuterige speelhuisjes, poppenhoeken, esthetische jaartafels, of allerhande versieringen en knutsels, is bij Helle aan het verkeerde adres. Zij streeft naar eenvoud en puurheid; naar een oerachtig leven in samenhang met de natuur. Bij alle voorwerpen en processen is deze samenhang voor de kinderen zichtbaar en meebeleefbaar. Karakteristiek voor haar werkwijze is dan ook dat de kinderen de hele dag buiten zijn; alleen de maaltijd en het verhaal spelen zich binnen af. Er is buiten dan ook van alles te doen. De kippen en konijnen moeten verzorgd worden, de was opgehangen, de afwas gedaan – in een zinken teil op een houten tafelblad op schragen -. Afhankelijk van het seizoen wordt er sneeuw geruimd, groente geteeld, bessen geplukt, compost gereden. Er wordt veel met hout gewerkt: er moet hout gezaagd en gekliefd worden voor de grote houtkachel waarmee het huis verwarmd wordt. Maar ook gebruiksvoorwerpen worden ervan gemaakt: voor de kapstok van de baby’s is bijvoorbeeld een tak gebruikt, waarvan de afgezaagde zijtakken de haken vormen. 

Buiten spelen

Maar er is ook ruimte voor ontspanning en klassiek kinderspel. Er is een zandbak, er staan meerdere hutten van wilgentenen, en er is een grote houten schommelbank waarin je eindeloos heen en weer kunt wiegen.

Iedere dag gaat de hele groep wandelen. Wie zelf kan lopen, loopt. Alleen de allerkleinsten gaan in een bolderkar. Helle liet aan de internationale werkgroep de begraafplaats zien waar de kinderen iedere dag naar toe gaan: “Kijk, deze boom is heel geschikt voor 2-jarigen om in te klimmen.” En wijzend op een boom aan de andere kant van het pad: “En die is heel geliefd bij 5- en 6 jarigen. Ze klimmen er hoog in en kunnen soms 10 minuten op een tak liggen met hun handen onder hun hoofd, om een beetje uit te rusten tijdens het spel.” Bij haar rondleiding komt elke boom en ieder grasveldje tot leven: “Bij deze bomen vieren we altijd het Michaelsfeest.” En nog weer een stukje verder: “Deze stenen trap is favoriet voor alle leeftijden. De kleintjes die net kunnen lopen oefenen er hun evenwicht, de oudere kleuters maken hun eigen spel door er hinkelend op en af te gaan, of op één been.” Op de vraag hoe ze alle kinderen in het oog kan houden op zo’n groot terrein reageert ze laconiek: “Ach ja, er raakt er wel eens eentje zoek, maar ze weten dat ze naar een tuinman moeten gaan; die brengt hen naar ons terug.”

Op de terugweg liepen we langs een veldje waar ’s zomers de bijen en de schapen van de kleuterklas staan. Helle is zelf imker, en de kinderen helpen bij de verzorging van de schapen. Behalve de groente en het fruit uit de tuin, hebben ze dus ook hun eigen honing, schapenvlees, schapenwol, en schapenvachten. 

Kopenhagen 2006, hut van wilgentenen en houtopslag.jpg (131339 bytes) Kopenhagen 2006, interieur tuinhuis voor 1- en 2 jarigen, met houtkachel.jpg (47654 bytes) Kopenhagen 2006, kapstok voor 1- en 2 jarigen.jpg (50482 bytes)
Hut van wilgentenen en houtopslag Tuinhuis voor 1- en 2-jarigen Kapstok voor 1- en 2-jarigen

Buiten slapen

Na het spelen en harde werken buiten, krijgen de kinderen een warme maaltijd of een stevige granenbrei als middagmaal. De kleintjes doen daarna een middagslaapje. Ook dát gebeurt buiten! Onder een afdak van een tuinhuisje staat een rij houten bedjes met voorverwarmde matrassen en schapenvachten erin. De buitenlucht zorgt voor een gezonde, diepe slaap, en laat ieder huiltje van een groepsgenoot in de wind vervliegen.

De oudere kinderen mogen ’s middags spelen; ’s winters binnen, en ’s zomers buiten. Omdat de kinderen zo weinig binnen spelen, is het speelgoed heel beperkt: wat speellappen, enkele kisten en manden met houten treinrails, schelpen, en dennenappels, een paar poppen, en een serviesje. Dat is alles.

Voordat ze om 15.00 uur worden opgehaald, wacht de oudere kinderen nog een sprookje of ander mooi verhaal. Dit is ook het moment waarop de vingerpopjes of muziekinstrumenten (deels ook zelf gemaakt van takken of bamboe) tevoorschijn komen. 

Spiegel naar binnen

Door de atmosfeer van Helle’s werkplek te proeven, en de consequenties van haar werkwijze aan den lijve te ondervinden, bekroop mij het gevoel dat we in Nederland behoorlijk ver verwijderd zijn geraakt van het basale leven in de peuter- en kleuterklassen. Zijn we niet veel te gekunsteld bezig? Verliezen we ons niet in allerlei details die er helemaal niet toe doen?  Laten we ons niet veel te sterk afschrikken door regels en voorschriften van de GGD, die alles wat puur leven is als onhygiënisch en gevaarlijk bestempelt? Je kunt je afvragen in hoeverre je een werkelijke verbinding met de natuur hebt als je voor houten speelgoed kiest en af en toe brood bakt. Wordt in onze klassen voor de kinderen inzichtelijk wat de herkomst is van onze voeding, of van de gebruiksvoorwerpen in onze huishouding? Kunnen ze de basale levensprocessen, zoals het verbouwen van groente, de verzorging van dieren, het verzorgen van huis en haard, voldoende beleven en daar ook actief aan deelnemen?

Wij leven in een cultuur waar de kant-en-klaar-maaltijden de schappen van de supermarkt vullen, waarin door veel mensen ‘onzichtbaar’ werk wordt gedaan in een kantoor achter een computer, en waarin enorme afstanden in korte tijd kunnen worden afgelegd met een auto of een vliegtuig. De wereld komt bij ons binnen via internet en televisie. De kans op vervreemding en op het verlies van jezelf in afleiding en illusies is groot. Juist in deze tijd komt het er dus op aan dat we de kinderen volop de gelegenheid geven om het basale leven te leren kennen en zich daarmee te verbinden, om goed in hun lichaam en hun leven te kunnen aarden. Volgens mij kunnen we wat dat betreft veel van Helle leren! 

HET WERK VAN DE INTERNATIONALE WERKGROEP 0 – 3 JAAR 

Wat is de internationale werkgroep?

De internationale werkgroep voor het kleine kind (World Wide Initiative for Early Childhood Care) bestaat uit 14 mensen uit diverse landen van West-Europa en Amerika. Allen werken met kinderen van 0-3 jaar, of met de ouders van deze kinderen. Velen zijn bovendien betrokken bij een opleiding voor (beroepsmatige) verzorgers van jonge kinderen.

De groep stelt zich ten doel om de ontwikkeling van de pedagogie voor het kind van 0 – 3 jaar vanuit de antroposofie te verdiepen, en de collega’s in het werkveld te ondersteunen en onderlinge uitwisseling te bevorderen. Daartoe organiseert zij eens in de drie jaar een internationale conferentie en verzorgt zij publicaties daarvan. Zij wil het opleidingswerk voor het werkveld van 0-3 bevorderen, en een wereldwijd netwerk opbouwen.

De groep komt jaarlijks 3 dagen lang bij elkaar. Zij is telkens bij een ander groepslid te gast. Daardoor kunnen de leden heel direct kennis maken met de situatie rondom het jonge kind in het betreffende land. Ditmaal (2006) was de groep te gast bij Helle Heckmann in Denemarken.

Conferentie Toronto zomer 2007

Om de inhoudelijke verdieping van de pedagogie voor het kind 0 – 3 jaar te bevorderen, organiseert de internationale werkgroep eens in de 3 jaar een grote internationale conferentie. De volgende zal plaats vinden in Toronto, in de zomer van 2007. Iedereen die met jonge kinderen werkt, en de antroposofie daarbij als belangrijke inspiratiebron ervaart, is daarvoor van harte uitgenodigd.

Nadere aankondigingen zullen via ‘Rondom het kind’ verspreid worden. 

Opleidingswerk

In de meeste landen is er alleen een opleiding voor kleuterleidsters. Bij deze opleidingen wordt meestal geen aandacht besteed aan de specifieke kennis en vaardigheden die nodig zijn om heel jonge kinderen te verzorgen. De werkgroep stelt zich ten doel om de spirituele grondslagen uit te werken voor een opleiding die zich specifiek richt op (toekomstige) leidsters van kinderen van 0 – 3 jaar, en daarvoor uitgangspunten te formuleren.

Vorig jaar is hiermee een begin gemaakt. Bij de bijeenkomst in Kopenhagen was er helaas geen ruimte om hieraan verder te werken. Er zal aansluiting gezocht worden bij Intertec (International Teacher Education Conference), een internationale groep van docenten van Waldorf opleidingen. Een afvaardiging van de internationale werkgroep 0 -3 jaar zal de eerst volgende bijeenkomst van Intertec bijwonen.

Verder is er naar aanleiding van de bespreking van vorig jaar een concreet initiatief ontstaan in Duitsland. Vanaf september zal in Stuttgart/ Frankfurt een aanvullende opleiding aangeboden worden voor diegenen die al als kleuterleidster gediplomeerd zijn. 

Kwaliteitsbevordering

Behalve een goede, op het jonge kind toegesneden opleiding, zijn nascholing en evaluatie belangrijk om de kwaliteit van de kinderopvang te bevorderen. De werkgroep gaat in het komende jaar de bestaande kwaliteitsnormen inventariseren, zoals deze in de verschillende landen gehanteerd worden. Ook zal ze onderzoeken welke methodes geschikt zijn om processen van evaluatie en reflectie op gang te brengen. De Caleidoscoop van een levende pedagogie, die in Nederland is ontstaan vanuit een dergelijk proces, kan daarvoor als voorbeeld dienen. 

Wereldwijd netwerk 0 – 3

De werkgroep streeft ernaar om een wereldwijd netwerk op te bouwen van mensen die werken met kinderen van 0 -3 jaar. Daarbij wordt gedacht aan een – beveiligde – website, waar je namen en adressen kunt vinden van collega’s over de hele wereld, waar je met elkaar kunt uitwisselen over je beroep, waar je je kennis en ervaring kunt aanbieden of juist van anderen kunt vragen, en waar informatie verzameld en verspreid kan worden. Een dergelijke website is voorlopig nog toekomstmuziek, maar een eerste stap daartoe is in het afgelopen jaar gezet. Aan honderden collega’s op alle continenten is een vragenlijst verstuurd met een begeleidende brief. De geretourneerde vragenlijsten geven een beeld van de werksituatie van de mensen in het veld, hun opleiding, hun motivatie, en hun vragen en behoeftes. Deze gegevens worden voorlopig nog niet openbaar gemaakt via een website. Maar degenen die een vragenlijst hebben geretourneerd, kunnen een deelnemerslijst opvragen via het kantoor van de Internationale Vereinigung der Waldorfkindergärten in Järna. Ook worden al deze personen geïnformeerd over de activiteiten van de werkgroep, zoals de conferentie in Toronto. Wie wil deelnemen aan dit netwerk, kan een vragenlijst opvragen (deze is opgesteld in goed begrijpelijk Engels) bij Hanne Looij, via het e-mailadres: info@bureaubride.nl .

 Voor verdere informatie over de internationale werkgroep 0 – 3 jaar: www.stichtingrsp.nl onder de rubriek ‘projecten’, en www.hetkleinekind.nl onder ‘WWIECC’.