Het is elf uur s'avonds, het regent ... glimmend asfalt en oranje natrium lampen met vals licht.
Er is geen hond op straat. Ruby loopt gehaast door stille buitenwijken, langs natte wegen onder een lege hemel.
Ze rilt en zweet, trekt vloekend haar hoofd tussen haar schouders en mompelt: "The cold wind from inside".
Ze is ziek, ze zoekt geld, of beter nog dope.
Nu is ze in het centrum van de stad, en ze stroopt louche café's en Turkse koffiehuizen af, op zoek naar een goedgeefse vriend of een dealer met een goed humeur.
In een verlaten steeg treft ze M. die misnoegd op haar vraag antwoordt; "Geen geld, geen dope".
"Ja, fuck you too, no money, no love" gilt ze vanaf een afstandje gefrustreerd naar M.
'De klootzak ... zo stoned als een aap, die kuttekop krijgt nooit meer wat van mij', denkt ze.
Ruby wordt nog een graadje zieker van al deze opwinding ... loop neus, traanogen, onrust.
Toch nog maar even langs het turkse café. De smalle donkere trap op, langs hoeren en zwervers.
Binnen is het vol, de turken en de surinamers gokken met elkaar met het mes op tafel.
Ruzies laaien op en worden met veel woorden en gebaren en met behulp van flink wat omstanders weer gesust.
Ruby zit in een hoek aan een tafeltje, een beetje verdekt opgesteld in het schemerduister van de kroeg.
'Geen geld, dus ook geen grote bek, bescheidenheid is hier gepast' , denkt ze terwijl ze nauwkeurig in de gaten houdt waar rond het poolbiljart geld en dope van eigenaar verwisselen.
Er is dope genoeg op deze plaats, nu moet ze het nog bemachtigen.
'O.k ... relax Ruby, zet je coole blik op, wis het zweet van je voorhoofd, verberg je grote pupillen en ga ontspannen zitten ... bevries ... wees koel'.
'Niemand heeft zo'n hekel aan afkickende junks als junks zelf'.
'En dealers ... dealers haten het als je ziek bent en geen poen hebt'.
'Alhoewel die ene, die Chenzo, die Italiaan, die vindt het wel lekker als je smeekt'.
'Nou, zover ben ik dus nog niet, en ook niet ver genoeg om me aan een Suri te verkopen'.
'Willen in je kont neuken' zegt Lisa ... en zij kan het weten....
Allerlei gedachten malen rond, maar ze is uiterlijk onbewogen.
Op dat moment komt Ali doelbewust haar kant op.
Ali is de cafe-eigenaar en behoorlijk heavy. Haar hart klopt sneller en ze ruikt haar eigen zweet, maar ze negeert hem.
Ali staat voor het tafeltje stil, en buigt zich nadrukkelijk naar haar over om recht in haar ogen te kijken.
Ze slaat langzaam haar ogen naar hem op.
Haar poging om hem bestudeerd nonchalant aan te kijken mislukt jammerlijk als ze recht in Ali's wit gouden grijns kijkt. Zijn zwarte harde ogen hebben haar onmiddelijk door.
Ali loopt al lang mee in het wereldje. Hij gaat genoegelijk naast haar zitten en staart nog een poosje smilend op haar neer. Presenteert haar dan een sigaret, die ze dankbaar aanpakt.
Hij geeft haar vuur terwijl ie zijn ogen slechts kort op haar trillende hand laat rusten.
Dan zegt hij rustig, terloops bijna, alsof het een praatje over het weer is, "Als ik je mag neuken krijg je 1000 gulden."
Hij spreekt zachtjes, maar met hun onfeilbare sensatie-antennes uitgestrekt luisteren er nu minstens zes mensen mee.
Bij Ruby vliegen gedachten als vogels klapwiekend door haar hoofd, en terwijl ze een brandend vuur door haar hart voelt zakken zegt ze kalmpjes, "Nee natuurlijk niet."
Het enige juiste antwoord weet ze.
Als ze ja had gezegd was ze mischien in een achteraf kamertje verkracht door zeven turken en dan op straat gegooid.
Of niet ..... Of ze had zo even een rug verdiend.
Ali haalt lichtjes z'n schouders op, z'n aandacht dwaalt weer af, alhoewel hij geilt op het 17 jarige meisje met het koude gezicht.
Hij kijkt haar nog eens aan, lacht opeens hardop en gooit een klein wit pakketje voor haar op tafel.
Ruby verroert zich niet, alleen haar ogen kijken snel even zijn kant op.
"Hier, pak maar, voor jou kleine stoere meid" zegt Ali.
Dan staat hij op en pakt haar even stevig in haar lange haren ... trekt haar hoofd achterover zodat ze hem aan moet kijken en zegt, "Het gaat nog een keertje mis met jou".
Ali keert zich om en loopt weg ... Ruby grist het pakje van de tafel en verdwijnt meteen richting w.c.
Alleen, in het schelle licht van het kale peertje op de vieze plee hoeft ze niet meer kalm te zijn.
Mompelend van "ongelofelijke mazzel" en trillend maakt ze het pakje open.
Er zit minstens een halve gram smack in, van die goeie donkerbruine turkse, niet die flauwe witte chinese zooi.
Zo, nu even snel wezen, sjaaltje, lepel, vuur, water, citroenzuur, watje, shot.
Het poeder op de lepel, water en citroenzuur erbij om het op te laten lossen, watje erin gemikt,
en de spuit door het watjesfilter halfvol zuigen met het verlossende vocht dat een donkere drab op de lepel achterlaat.
Arm afbinden met haar sjaaltje, een nog redelijk onbeschadigde ader opzoeken, naald erin, meteen raak.
'De hand van de meester' denkt ze terwijl helderrood bloed de met donkere vloeistof gevulde spuit binnen schiet...... traag verschijnt een bloem van bloed in de shot....
Langzaam duwt ze de zuiger naar beneden.
Hete stromen door haar hele bloedbaan, en wat belangrijker is dan de korte flash, het onmiddelijk verdwijnen van ieder ziekte verschijnsel. Instant beterschap.
Ruby slaakt een lange bibberende zucht van opluchting hier veilig alleen in dit hokje met z'n smerige muren.
Voor haar gekalmeerde geest lijkt het nu een stille kloostercel met warm geel licht.
Op haar gemak vult ze de spuit met water om hem schoon te maken.
Er wordt ondertussen ongeduldig op de deur gebonkt.
Vol begrip opent ze de deur, met haar mouw nog opgestroopt en de shot tussen haar tanden.
In het halletje staat P. met een wanhopige blik in z'n ogen. "Shit, is het al op?" zegt hij met overslaande stem.
Eén blik is voldoende voor Ruby, ze heeft nog twee derde van de smack over.
Ze doet snel een stap naar voren en legt haar hand op z'n arm. Zijn spieren staan strak.
"Rustig maar," zegt ze, "ik heb nog wel wat voor je". Ze voelt zich geweldig, de dankbare blik in P's ogen is goud waard.
Hij kijkt haar nog een beetje ongelovig aan, zo goed kennen ze elkaar helemaal niet, maar als ze het pakje openvouwt en een bergje Golden Brown op z'n lepel laat glijden, begint ie te stotteren van blijdschap.
"Ik ... ik, eh ... wil je eh .." Ruby draait zich al discreet om om weg te gaan, zij geniet niet zo van de opgeluchte dankbaarheid van een zieke junk.
Dat staat te dicht bij haar, en het is zowiezo een schrijnend gezicht.
P. verdwijnt in de w.c., Ruby maakt haar spuit schoon; zuiger vullen met water, leegspuiten, naald er af en achterin onder de zuiger klemmen, opbergen, arm afvegen, mouw omlaag rollen, sjaaltje weer om.
Pas dan slaat ze haar ogen op om in de spiegel te kijken.
Speldeprik pupillen staren onbewogen terug terwijl haar mond lacht. De regen heeft krulletjes in haar haar gemaakt.
Ze vind dat ze er schattig uitziet.
Dan ineens een golf misselijkheid en ze kotst moeiteloos - zoals altijd met bruin - een golf vocht in de wasbak.
Automaties draait ze de kraan open terwijl ze nogmaals in de spiegel kijkt.
Haar ogen tranen en ze heeft zelfs wat kleur op haar wangen nu. Snel brengt ze wat mascara en een zwart lijntje aan.
Achter haar gaat de deur van de w.c. open en P. staat achterovergeleund naar haar te kijken.
Hij is helemaal gekalmeerd en heeft een uiterst charmant lachje om z'n mond .... z'n hoofd een beetje scheef kijkt ie haar peinzend aan.
Ze word er een beetje verlegen van. 'Leuke vent eigenlijk. Jammer dat ie hooked is' denkt Ruby misleid door haar eigen junk zijn.
"Ga je met mij mee naar huis?" zegt P. ineens. "Het is al half één, en ik woon hier vlakbij".
Nog voor ze antwoord kan geven pakt hij haar hand en zegt "Je heet toch Ruby hé ?"
Ruby kan alleen maar knikken en laat zich bij de hand de trap afvoeren, naar buiten.
Het is koud buiten en het miezert nog steeds.
Maar zij tweeën lopen in een cocon van warmte hand in hand, gebonden in de diepste ellende.
Ruby laat zich meestromen op het tij der gebeurtenissen zoals ze altijd doet.
Ze denkt zelden verder dan een paar uur vooruit, en gaat uitsluitend op haar instinct en gevoelens af.
Paul blijkt een paar straten verder een etage te delen met H. een vage bekende voor Ruby.
Paul zoekt in z'n zak naar z'n sleutels en opent de deur.
Zonder dat hij haar hand los laat lopen ze in het donker de trap op.
Boven in zijn kamer zijn kleine lampen aan, een lage tafel, een groot bed met indiaase sprei op de grond, zelfs een paar levende planten.
Het ziet er behoorlijk gezellig uit voor een mannenkamer, geen al te grote puinhoop.
Paul zet haar neer op een kussen aan de tafel en schenkt twee glazen wijn in.
Dan gaat ie naast haar zitten, zijn lichaam naar haar toegewend.
Ze hebben niet met elkaar gesproken sinds het turkencafé.
Ruby kijkt hem aan, en voelt zich onmiddellijk verdrinken in z'n ogen.
Hij heeft haar hand weer gepakt en streelt haar. Ruby voelt zich smelten als hij zachtjes, hees, haar naam uitspreekt.
"Ruby"..... Haar naam hangt in de ruimte tussen hun in...."Ruby"...... weer haar naam ... in zijn stem.
Een beetje onrustig maakt ze haar hand los uit de zijne, om vervolgens haar dope uit een klein vakje van haar jas tevoorschijn te halen.
"Zullen we nog een shotje?" zegt ze, schuin naar hem opkijkend.
"Ja natuurlijk .... en wat kan jij ondeugend kijken zeg" zegt Paul grijnzend terwijl hij opstaat en de kamer door loopt om (tot haar grote verrassing) een bandje van Billy Holiday op te zetten.
'Strange fruit' vult de kamer, Paul komt terug naar de tafel met een glas water en twee schone, scherpe spuiten.
"Goeie muziek om een shot op te zetten" zegt hij terwijl ie de spullen op tafel zet en een sigaret opsteekt om hem vervolgens tussen haar lippen te schuiven.
Haar interesse in hem neemt met sprongen toe als ze een paar boeken van Carlos Castaneda naast het bed ziet liggen.
'Hij leest mijn favoriete schrijver en heeft helemaal gelijk wat betreft Strange Fruit.' denkt ze licht eufories.
Haar ogen volgen hem terwijl hij door de kamer loopt ... zijn aanblik geeft haar een tintelend gevoel in haar maag.
"Ik geloof dat ik verliefd ben" klinkt onverwachts zijn stem ... en haar hart staat net als de tijd even bijna stil ....
Het moment is magies ... haar gedachten lijken te vertragen, en ze ziet als in slow motion hoe Paul zich met een bezorgde blik naar haar overbuigt ...
Dan _ wordt _ alles _ zwart ....
Wordt misschien vervolgd ... eens .... ooit ...