Lieve mensjes, trouwe
lezertjes en overige individuen. Vandaag vanuit een geheel ander locatie uw
verslaggevers. Te weten Blantyre. En wel via "Malawi.net" We hebben
zelfs de beschikking over accenten, trema's en al dat soort hoogstaande
snufjes. Lekker belangrijk!? We zijn nu al 2 weken uit ons eigen vertrouwde
Phalombe, ons "thuis" hier in Malawi. Hals over kop zijn we
vertrokken uit Phalombe op de dag nadat we ons laatste meeltje gestuurd hebben.
De dag nadat alle journalisten vertrokken zijn. Het ging zo:
De auto van Evelyn
moest even voor de Malawische "APK", vóór donderdag, anders straf.
Bovendien moesten er
dinsdagmiddag 2 Ierse studenten van het vliegveld gehaald worden.
Job en ik wilden
inventariseren of het in Mlambe-Hospital, nabij Blantyre mogelijk was nog wat
extra patiënten-gegevens te verzamelen om aldus de resultaten van ons onderzoek
wat significanter te krijgen. Hoe meer gegevens, hoe betrouwbaarder de
resultaten.
Onze visa moesten
hoognodig weer eens "ge-extended" worden.
Combineer je al deze
punten dan bedenk je het volgende plan: J & M rijden maandag begin middag
naar Blantyre, regelen visa, halen andere auto (de Subaru) op en crashen bij
Karin. Volgende ochtend de Nissan (de 4WD) naar garage voor APK en met de
andere auto naar Mlambe en vervolgens naar het vliegveld. Dan weer naar garage,
auto omwisselen en terug naar Phalombe. Je ziet het al: veel en veel te strak
dat schema. Veel te strak. Dat gaat natuurlijk nooit lukken. En dat ging het
dus ook niet. Het was het begin van een eindeloze reeks tegenslagen en
ongelukjes. Geen van allen groot of onoverkomelijk, dus we kunnen er nu wel om
lachen. Het begon met de visa. Die konden niet zomaar "ge-extended"
worden, we moesten "applyen" voor een temporary permit, hetgeen veel
meer tijd (in totaal een hele dag) in beslag zou nemen. (Is inmiddels geregeld,
dus we mogen nog blijven).
"De auto kon zo
natuurlijk niet voor APK!!. Het was destijds met de dokter afgesproken dat ie
eerst opgeknapt moest worden, want zo komt de auto natuurlijk niet door de
APK." (Iets met voorste as niet goed, waardoor binnenkanten banden beetje
afslijten) aldus broeder Harry, de eigenaar van de garage (maandag-middag). Dat
zou dus minstens 2 dagen duren, doch wellicht wel 3. Gelukkig hadden we de
andere auto nog, dus zijn we gewoon naar Mlambe gegaan en zouden wij blijven in
Blantyre. Wel de Ieren ophalen, maar afzetten bij een afgesproken punt. Ander
transport voor de Ieren naar Phalombe hadden we inmiddels geregeld. Mlambe ging
voorspoedig dus wij naar dat vliegveld om de Ieren op te halen. Netjes op tijd,
vliegtuig landt even later en vanaf zo’n vliegveldterras, waar alle ophalers
staan heb ik mooi overzicht over het trappetje, waar alle mensen uit het
vliegtuig stappen. We hadden geen flauw idee hoe die gasten eruit zagen, maar
het kon niet missen toen ik een lange rooie en nog een mannetje met petje zag. Dat
moesten ze zijn. Handig, konden we ze beneden als ze door de douane waren
gelijk aanschieten, want zij wisten ook niet hoe en wat ze opgehaald zouden
worden. Afijn, ze kwamen dus niet naar buiten?! Een uur later, kwam er eentje
een beetje verdwaasd naar buiten. Ik herken hem: " he mate, wanna a lift to Phalombe?" Het was inderdaad de goede. Wat bleek nou: geen bagage! Was
ergens in Johannesburg blijven steken. Zou morgen wsl wel meekomen. Fijn!!
Allemaal papieren invullen, dat gaat allemaal niet zo snel. Maar goed, ze gaan
toch maar naar Phalombe, dus wij naar de afgesproken plek, u raadt het al: geen
transport!! Gelukkig konden we er allemaal de humor wel van inzien. We hadden
eigenlijk ook niet anders verwacht na alle dingen die al mis waren gegaan. Dus
Ieren ook slapen bij Karin, heel gezellig gegeten en veel biertjes gedronken. Erg
gezellige avond en de Ieren vatten het erg goed op. Echt heel aardige gasten
dus dat wordt wel gezellig als we straks weer in Phalombe zijn. Namen zijn
trouwens Keeron en John. Volgende dag (woensdag) was de auto wonderbaarlijk
genoeg klaar (Evelyn had even een hartig woordje met broeder Harry gewisseld). Moesten
nog wel even de "road-tax" betalen, hetgeen natuurlijk ook weer over
meer schijven gaat. Uiteindelijk Job met de Ieren naar Phalombe. Nog een
meevaller: bagage kon ook nog net even opgepikt worden. Kwam het allemaal toch
weer goed. Ik bleef in Blantyre, ben de donderdag in Mlambe aan het werk
geweest. Mlambe is een groot ziekenhuis even buiten Blantyre, waar een ander
Nederlandse arts gezeten had en die wist ons te vertellen dat gegevens zoals
wij die zoeken in Mlambe heel gemakkelijk te vinden zouden zijn, want goed
opberg-systeem en patiënten voldoen aan de eisen die wij gesteld hebben. Wij
zijn dus de eerste dag is gaan kijken of dat inderdaad zo was en of het voor
ons mogelijk zou zijn snel even wat extra gegevens te verzamelen. Dat was
inderdaad zo en aangezien we toch blijven moesten zijn we dat gelijk gaan doen.
We hebben onze data nu met 50 % uitgebreid in een 5 dagen. Ik bleef want we
zouden het weekend weer de hort op gaan. Het plan stond al om op donderdag naar
Blantyre te rijden. Job moest dus eigenlijk even Evelyn ophalen. Verder even
een zooi kleren voor mij ingeladen. Hartstikke efficiënt dus allemaal. Donderdagavond
kwamen Evelyn en Job inderdaad aan en hebben we fijn wat pizza’s gehaald in een
of ander hartstikke westers pizzatentje. Wel erg lekker weer eens. Het plan van
het uitje was inmiddels getrokken. We gingen naar het Nyika plateau, over
hetwelk Job uitgebreid verslag gaat doen, danwel strax, danwel morgen of
overmorgen, dan gooi ik deze meel vast de deur uit. Vrijdagochtend vroeg
vertrek en woensdagavond waren we weer terug in Blantyre. Lekker weekendje de
deur uit he?
Donderdag en vrijdag
na terugkomst zijn Job en ik weer in Mlambe geweest en alles is nu verzameld en
geregeld. We nemen alles mee naar Phalombe en gaan de boel daar is analyseren
en kijken of we wat aardige conclusies trekken kunnen. Vanmiddag zijn Job en ik
lekker rond gaan lopen door Blantyre. Er valt namelijk van alles te beleven,
als je gewoon een beetje gaat rondlopen. Allemaal kraampjes met groente, fruit
en veel souvenirs, mensen die je aanspreken, gewoon om gezellig een babbeltje
te maken, leuke winkeltjes. We hebben ons weer verschrikkelijk laten verleiden
tot het kopen van allemaal souvenirs. We konden het bijna niet meer dragen. Geval
was namelijk dat al die "souvenirmannetjes" op vrijdag en zaterdag
echt heel erg graag willen verkopen, omdat ze ‘s avonds bier drinken willen. Prijzen
zakken gigantisch, ook al wil je het eigenlijk niet hebben, op een gegeven
moment kan je het gewoon niet laten staan. Onderhandelt wel erg makkelijk. We
konden alle rotzooi bijna niet meer dragen. Wel erg mooie dingetjes gekocht. Ja,
was erg gezellig om een beetje rond te lopen door de stad. Leuke van Afrika
zijn juist al die kleine dingetjes. Nog een paar dingetjes:
Wanneer je het
benzinestation oprijdt hoef je nooit te wachten en staan er allemaal mannetjes
je op te wachten en driftig te zwaaien bij welke je tank je moet komen tanken. Je
zegt dan niet "vol", maar "bijna vol", want anders gaan ze
heel precies proberen je tank nokvol te krijgen en ze gaan dan ook rustig aan
de auto schudden om nog maar die ene milliliter benzine extra erbij te krijgen.
Wat ik ook zo gaaf vind dat je niemand even iets kan vragen of hallo kan
zeggen, zonder eerst even uitvoerig uit te wisselen hoe het met beide partijen
gaat.
Nog een voorbeeld van
een fijn gesprek dat we laatst voerden in een restaurant met de eigenaar:
Wij: "does it
take long to prepare the food?"
Hij:
"Yes"
Wij: "So it
takes long?"
Hij: "No
problem"
Tja wat moet je dan. Gewoon
gaan zitten. Rara, binnen 3 minuten stond er een dampend bord eten op ons te
wachten!
Gisteren hebben we een
heel interessante nieuwe geldbron aangeboord. Via Evelyn zijn we in contact
gekomen met een Indiër, die werkt bij een groot computerbedrijf, NCR, hier in
Blantyre en hij "wisselt" geld tegen een gunstige koers. We zijn
erheen gegaan, is even kijken of het wat is, want we hadden geen travellers
cheques meer bij ons en de laatste kwacha was op. Laten we die Indiër maar eens
een belletje geven. Zo gezegd zo gedaan. "Ja kom maar langs, hoeveel wil
je hebben, 200 dollar?, geen probleem". Okay, dus wij daarheen. Heel slik
kantoor met heel veel dure computers en knappe secretaresses, zoals dat hoort. Afijn,
even wachten en daar is Salim, een heel nette aardige vent. We lopen zijn
kantoor binnen en hij legt het systeem even uit. Hij geeft ons gewoon zoveel
geld als we willen en als we de tijd in keertje rijp vinden, bijvoorbeeld bij
1000 dollar, dan maken we dat geld is een keertje over op z’n rekening in
Engeland. Mag als we al lang en breed weer in Nederland zijn. Alles op basis
van vertrouwen. Geen adres, geen paspoort, geen dreigementen, niks, nada,
noppes!!?? Hij geeft ons zo 200 dollar aan kwacha’s mee en tot de volgende
keer. "weten jullie zeker dat jullie niet meer willen?" Nu ik dit opschrijf,
snap ik het nog steeds niet. Het vertrouwen in de mensheid is nog niet helemaal
weg. Je moet wel geïntroduceerd worden door iemand met wie hij al zaken heeft
gedaan en verder moet het gewoon een beetje klikken. Voor hem zit er natuurlijk
een grote profit in als het systeem werkt. Alleen het wisselen van kwacha’s in
willekeurig welke westerse munt is heel ongunstig, dus dat is natuurlijk heel
handig om dat via dit systeem te doen en dan weet ik ook niet precies wat voor
belastingtechnische onderduikvoordelen er voor hem verder nog aan vast zitten. Genoeg
voordelen in ieder geval dat hij het kleine risico neemt dat we er met z’n
centen vandoor gaan.
Als het echt heel erg
onethisch is dan moet jullie dat maar even uit den doeken doen en dan zullen we
is even heroverwegen of we er nog een keertje heen gaan, maar het is zeer zeker
een stuk relaxter en sneller dan bij de bank en de koers is ook nog eens een
stukkie gunstiger. Niets mis mee.
Nou luitjes dat deel
over het Nyika-plateau van Job komt dus in een volgend meeltje dat als het goed
is zeer spoedig volgt. Ik zal Job een beetje achter z’n broek zitten. De
ellende en pech gaat namelijk ook daar verder. Het is een erg mooi verhaal. We
hebben het zwaar te verduren gehad, maar het was wel erg leuk. Nou dat dus
spoedig.
Voor nu, het
nachtleven van Blantyre tegemoet.
Groeten van Job en
Martijn.
Vervolg The
Malawi-story 8, Job z’n deel
Ja ik mocht dus
woensdag de Ieren naar metropool Phalombe brengen. en dan merk je aan al hun
reacties onderweg dat je al aardig gewend bent. Je hebt het over goede wegen en
dat zijn dan zandwegen die niet te veel kuilen bevatten en je toetert naar
fietser die vervolgens een noodstop in de berm moeten maken omdat je ze anders
overhoop zou rijden, want de meest linkse kant van de weg is het beste (je
rijdt hier links). Het grappige is dat die Ieren dan reageren als wij 3 maanden
geleden deden, maar nu vind je alles al zo gewoon, dat je pas aan de reactie
van anderen ziet hoe je veranderd bent in de tijd dat je hier zit.
Donderdag was weer een
vol dagje, en gelukkig was het een van de goede dagen deze twee weken. Het
lijkt namelijk wel of deze twee weken maar twee typen dagen kende. nl dagen
waarin alles lukt en dagen waarin alles verkeerd gaat. Donderdag lukte alles
eerst moest de telefoon bij Rob in huis gerepareerd worden (anders doet de
e-mail het niet en die loopt vast als er niet regelmatig berichten opgehaald
worden). Nu kan je wel wachten op het telefoon bedrijf, mar dat duurt zeker
enkele weken tot een half jaar !!! Dus zelf maar even geknutseld en met
aanvaardbaar resultaat. Vervolgens de mail opgehaald en de correspondentie bij
gewerkt. Vervolgens moest er van alles geregeld worden voor ons uitstapje naar
Nyika, ons verblijf in Blantyre daarna. Tot slot nog even voor twee personen
gepakt en toen was het al weer tijd voor de reis naar Blantyre, deze keer met
Evelyn.
De vrijdag gingen we
dan echt op weg naar Nyika (wat is dat nu dat Nyika???). Nyika is een Nationaal
park in het Noorden van Malawi dat op 2000 meter hoogte ligt en bestaat uit
glooiende graslanden, die begraasd worden door Zebra's, Bush bucks, Roan
Antilopes en semi-wilde paarden. Klinkt erg mooi zult u zeggen en u heeft
gelijk. De kleine lettertjes in deze reisfolder waarschuwen u echter voor een
paar dingen. Te weten afstand Phalombe - Nyika is 1000km (A'dam-Bordeaux, hoezo
Malawi een klein landje), het is winter en 2000 meter hoog en je gaat er
kamperen en in de nacht is het er dus knetter koud, Hyena’s lusten echt alles,
bovendien betekent Nyika in het Timbuku (dialect van Noord Malawi) volgens ons
PECH.
Doch Donderdag was een
goede dag, de afgelegde afstand Blantyre-Lilongwe-Mzuzu was een dikke zeven
honderd kilometer. En dan te bedenken dat we die dag ook nog eens geld moesten
wisselen (uur extra). We boften echter dat de weg geheel en al uit asfalt
bestond en dat scheelt. Het blijft echter wel gevaarlijk op de weg, soms zit er
een enorm gat in het asfalt of rijdt er op eens een auto voor je die maar 30
km/h kan, of er voegt een minibusje in dat niet goed kijkt of hij wel kan
invoegen, werkende remlichten/ knipperlichten/uberhaupt lichten blijken een
westerse luxe te zijn of er haalt iemand compleet onverantwoord in op de
twee-baans A1 van Malawi. Het verkeer is hier dus ook een groter gevaar voor
ons dan alle bacteriële/parasitaire/virale vriendjes, "armed
robberies" en wild gedierte samen.
Om acht uur waren we
in Mzuzu ( zeven uur 's ochtends vertrokken). Aldaar overvielen we een vriendin
van Evelyn, waar we mochten blijven eten en slapen (terwijl we onverwacht
binnenvielen om 20:00 uur). Voor haar bleek het ook nog eens handig dat we er
waren. 'S nachts werd ze namelijk opgebeld of ze iemand van het busstation
wilde halen en haar auto wilde niet starten, dus ging ze met de onze. Zaterdag
was weer een slechte dag. We zouden Ingrid (want zo heet die vriendin van
Evelyn) wel even helpen met het starten van haar auto. Maar het werd eerst
sleutelen aan onze auto, want de band was lek!!!!! Vervolgens paste de krik
niet en toen we wel een passende krik hadden paste het reserve wiel niet, maar
gelukkig was er nog een tweede aanwezig, maar dit was dus wel ons laatste
reservewiel (in Nederland misschien niet nodig, maar in Malawi wel). Het
starten van Ingrids auto lukte niet en toen zijn we maar weggegaan, want het
was al elf uur (zeven uur op) en we moesten de band nog laten pakken. In Mzuzu
deden we wat inkopen in de Peoples Trading Centre = PTC, zoals de Malawiaanse
AH-variant hier heet. Ondertussen werd de band geplakt en zo begonnen we aan de
laatste 150 km over zandweg naar het Nyika park. Het was die dag overdag al
hartstikke koud en dik grijs bewolkt (De thee was dan ook in de reclame als
"Winter warm offer"). Om vier uur die dag kwamen we er achter dat de
deur van de achterbak open was. De schade opnemend bleek dat we een guave-taart
inclusief bakblik (geleend van de zusters) en een bananenbrood ook met bakblik
hadden verloren. Op zich viel de schade nog mee, maar de deur stond op een kier
van maximaal een centimeter of tien twintig dus het was toch wel even schunnig
dat we door die kleine kier zoveel lekkers waren verloren.
Voordeel van dit alles
was wel dat we vlak bij een groep zebra' s waren gestopt om de schade op te
nemen. En bij verdere bestudering bleek de hele vallei vol te staan met
allerlei beesten. Op de campsite bleek echter dat er nog een klein probleempje
bij het pak met dekens en kussens plus warme lakenhoes van Tinus en mij zat
niet in de auto. En het was toen al KOUD!!! Dus alternatief kampeerplan: Tinus
en ik slapen in klein twee persoonstentje van Evelyn om de warmte zoveel
mogelijk te concentreren en Evelyn en Karin slapen in de achterbak van de auto
die om te bouwen viel tot slaapcabine. 'S avonds zouden we proberen bij de
receptie een paar dekens zien te regelen maar eerst moest er nog even gekookt
worden op een gezellig en warm houtvuurtje. We moesten bovendien bij het
sprokkelen van hout wat extra takken verzamelen met veel zijtakken. Deze moest
je dan tegen je banden zetten 's nachts zodat de hyena’s die langskwamen niet
de banden kapot konden bijten. Zoals de nacht ervoor gebeurd was. Bovendien
hadden ze toen ook een tentje van iemand aan gevallen dus we kampeerden weer
eens avontuurlijk. Demonstratief zetten we ons tentje dan ook op onder het
bordje: Don't leave anything outside your tent or car, hyena’s eat everything. Dat
dit volkomen waarheid bleek 's nachts. Na een mislukte lobby-poging voor dekens
bij het niet al te erg hulpvaardige management (gelukkig bleken andere gasten
wel zo aardig ons iets van dekens te lenen). Kropen Tinus en ik maar dicht
tegen elkaar (romantisch he) om het warm te houden. Om 2:30 werden we wakker
van scheurende geluiden op een meter of tien van de tent. We overwogen even of
het de tent zelf was, maar we zagen niets aan de tent en sliepen vervolgens
weer in. De volgende ochtend bleken we een bankje van de auto buiten te hebben
laten staan en van de bekleding was weinig over. Die dag besteedden we aan een
wandel safari van 20 km (best een afstand als je wandelt en stopt voor ieder
beestje, incl. vogels). Maar welde moeite waard (helaas geen luipaard gezien,
maar wel een groep wilde paarden).
Die volgende nacht
wilden we de hyena’s wel eens zien. Dus we legeden de resten van het bankje
voor de opening van de tent en sliepen rustig in om 4:00 was het weer zover. Scheur
scheur, dus wij voorzichtig de tent open en ja hoor twee enorm lelijke honden
ontfermden zich over het bankje. Fototoestel voor Tinus en Zaklamp voor mij:
een twee drie zaklamp aan foto maken en de rits dicht. Gelukkig schrokken de
hyena’s toch wel van het licht en lieten ons met rust.
Maandag ochtend
vertrokken de mensen van wie we de dekens hadden geleend. Zij gingen nog even
paardrijden en dat leek ons ook wel leuk dus wij mee. Echter niemand van ons
had ooit op een paard gezeten. De meest tamme paardjes waren voor ons
opgezadeld en wij sprongen in de leren rijbroek en zetten de enorm schattige
rijcaps op. En in een rijtje gingen we op weg. Die dag scheen de zon ook weer
eens en het was echt erg mooi. Een soort geel groen grasachtig heuvellandschap
schoof onder ons door het was lekker weer en paardrijden is dan echt heel
stoer. Voordeel van de paarden is dat dit de wilde paarden zijn die we gezien
hadden. Ze zijn namelijk compleet vrij. De hele dag rennen ze over de prairies
en 's ochtends komen ze eten in de stallen als er dan klanten zijn dan wordt er
op ze gereden en dan krijgen ze 's middags weer eten en dan zijn ze weer vrij. De
rest van de dag rennen ze rond en grazen samen met alle andere dieren. Die
dieren zien hen dus ook als normaal en herkennen hun geur. Als je dus als mens
op een paard zit dan denken ze nog steeds dat ze met een mededier te maken
hebben. Dus je kan tot op 10 meter van de enorm schuwe zebra’s komen (je kan ze
dan nog net niet aaien, maar daar is dan ook alles mee gezegd). En zebra's zijn
mooi! Als je aan Esscher had gevraagd of hij een mooie vacht had kunnen
ontwerpen voor een paard dan was dat volgens mij nog lelijker geweest
vergeleken bij een zebra.
Op de terugweg bleek
hoe graag de paardjes terugwilden naar de stal en dus ETEN. Tinus ging namelijk
in draf met zijn paardje, vervolgens schoot hij ook nog even in galop. Het
paard van Karin ging erachter aan en toen die van mij dat zag, bleek het paard
van mij aardig peper in zij kont te hebben. Kwam helaas een beetje onverwacht
voor mij en voordat hij een beetje op gang was hing ik al half naast het paard.
Ik trok dus stevig aan de teugels, maar in plaats van stoppen, begon hij te
schudden met zijn hoofd en dreigde hij zelfs te bokken. Iets rechter op zag ik
dus maar een mogelijkheid het paard te stoppen: DE ander twee paarden moesten
stoppen, want daar wilden hij achteraan. Dus keihard riep ik dat ze voor mij
moeten stoppen en dat duurde even, maar het lukte uiteindelijk wel. Licht
geschrokken reden we weer naar huis. Bij e stal schoten de paarden ontdaan van
zadel weer weg om te genieten van hun vrijheid.
Die nacht sliepen we
in twee broeken vier T-shirts twee truien en drie paar sokken (onze dekens
waren immers weg). De volgende dag was het weer tijd voor de terugreis. Een pechdag
weer we verloren de deksel van de koelbox onze dekens bleken niet bij de niet
thuiszijnde (kostte weer een uur) Ingrid te liggen, maar waren dus toch
onderweg verloren en onze slaapplaats in Lilongwe bleek na lang zoeken al lang
te zijn opgedoekt. Toen hebben we maar in een aanvaardbaar vies Malawiaans
tentje geslapen. Vanaf Woensdag ging alles weer goed met ons en konden we
alweer lachen om onze dure pech ( bakblik fl. 20, dekens twee keer fl. 20, -
kussen idem en mijn lakenzak is onvervangbaar). Voor Evelyn was de pech echter
nog niet over, want toen ze alleen naar Phalombe reed (wij blijven bij Karin in
Blantyre) verloor ze onderweg de hele achterdeur van de
Auto!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!! Die bij terugrijden waarschijnlijk al gerecycled was
door de lokale bevolking.
tot zover Gijs en Tom,
bedankt voor de moeite doei