|
De nacht biedt bij uitstek een gelegenheid om sfeervolle
momenten op de gevoelige plaat vast te leggen. Maar fotograferen
met weinig licht levert vaak onbevredigende resultaten op,
of je nu wel of geen flitser gebruikt. Drie experts leggen
uit hoe ze te werk gaan.

Gerard
Wessel
Website: www.gerardwessel.nl
 |
 |
"Een
goede nachtfoto moet de kijker het gevoel geven
tussen de mooiste mensen op het hoogtepunt van het
feest aanwezig te zijn."
|
|
"Al
vroeg had ik in de gaten dat het magische, de 'macht' van
de camera mij aansprak, en ben ik in mijn geboortestad Zwolle
een cursus fotografie gaan doen. Begin jaren '80 heb ik de
School voor Fotografie en Fototechniek doorlopen. Met mijn
eindexamenfoto's (een portretserie van Herman Brood) ben ik
naar de Nieuwe Revu gestapt, waar ik direct als freelance
fotograaf aan de slag kon. Recent
ben ik er in vaste dienst getreden, maar incidenteel doe ik
ook nog wel reclame- en modewerk. Reportage is de fotografie
waarin ik de meeste vrijheid heb en waarin ik het meest getalenteerd
ben, mits er chemie is tussen fotograaf en onderwerp is en
ik voldoende tijd krijg. Helaas is dit tegenwoordig steeds
minder vaak het geval en hebben de meeste tijdschriften, waaronder
de Nieuwe Revu, bovendien steeds meer een voorkeur voor kleurenfotografie.
Sinds 1989 leg ik me toe op nachtfotografie, dit valt samen
met de opkomst van de housemuziek. 's Nachts zijn mensen op
hun mooist gekleed, wat natuurlijk maar een gedeelte is van
de werkelijkheid is, maar deze werkelijkheid geeft de mensen
wel weer in een onbezonnen en feestelijke sfeer. Voor nachtelijke
kleurenfoto's gebruik ik de Mamiya 6 met een Nikon SB26 flitser
op de camera, voor zwart-wit foto's de Rollei-Wide met een
losse Metz 45CL1 flitser. De mooiste en meest dramatische
beelden maak ik met de Rollei-Wide. Maar dan moet je er wel
voor de volle honderd procent ingaan, alert blijven en goed
scherpstellen, anders lukt het niet om toppertjes te maken.
Werken met de Mamiya 6 in kleur is in ieder geval een stuk
eenvoudiger qua scherpstellen en belichting. Ik overweeg om
een professionele digitale camera aan te schaffen, maar omdat
ik zoveel verschillend werk doe is het te duur om voor elk
formaat de nieuwste en beste spullen te kopen. Wel heb ik
een Imacon Flextight om zelf scans mee te maken.
Een goede nachtfoto moet de kijker het gevoel geven tussen
de mooiste mensen op het hoogtepunt van het feest aanwezig
te zijn. Je moet de meest spraakmakende bezoekers eruit pikken
en goed op uiterlijk, kleding en beweging letten. Wanneer
er sprake is van actie, bijvoorbeeld als de hipste meisjes
en jongens zich richting dansvloer begeven, moet je goed in
de gaten houden of dat een interessant beeld kan opleveren.
Vervolgens stort je jezelf in het feestgedruis en ga je schaamteloos,
uiteraard wel met respect voor je onderwerp, aan de slag.
Een gezonde dosis brutaliteit is nooit weg bij deze tak van
fotografie.
Vergeet geen extra batterijen of misschien zelfs een extra
camera mee te nemen, en blijf altijd vriendelijk tegen het
publiek. Het loont natuurlijk ook om zelf niet te veel te
drinken. Nog een tip: geef altijd eerst de organisator van
het feest een handje, en laat je even rondleiden. Dan heb
je geen last meer van overijverige portiers of beveiligers.
Ik zorg altijd dat ik vroeg op een locatie aanwezig ben, om
een feest als het ware te zien groeien. Op het hoogtepunt,
zo rond een uur of drie, moet het werk zijn volbracht. De
make-up loopt uit, de bezoekers worden te stoned of dronken,
de frisheid is verdwenen. Wegwezen dus. Dan ben ik rond vieren
weer thuis, en de volgende dag nog redelijk aanspreekbaar."

Willem
Wernsen
Website: www.fotowillem.com
 |
 |
"Lichtmeting
is zeer belangrijk. Je krijgt lange belichtingstijden,
dus is het oppassen geblazen met fotograferen uit
de hand."
|
|
"Mijn
fotografie is als hobby geboren, maar het is ondertussen flink
uit de hand gelopen. Vanaf het begin ben ik actief als 'sociaal
documentair fotograaf', door mijn interesses in hoe mensen
leven, werken en wonen. Ik begon met het fotograferen van
mensen in hun eigen interieur. Aan mijn eerste twee projecten
in deze sfeer werd door diverse kranten en fotomagazines aandacht
geschonken, daardoor
is het balletje langzaam gaan rollen. Vanaf dat moment gaf
ik mezelf de opdracht om ook buiten te gaan fotograferen.
Zo ontstond de serie 'People of Paris' waarvoor ik de Focus
Adriaan Boer publieksprijs ontving. Onlangs is er een boek
met mijn foto's uitgegeven: 'Beautiful People', waar ik natuurlijk
hartstikke blij mee ben. Voor mijn Parijse serie verbleef
ik tien dagen in de stad, gewapend met een Mamiya 6 en een
50 mm lens. Daar zijn ook de nachtfoto's ontstaan, stuk voor
stuk uit de hand gefotografeerd. Ik hou me niet expliciet
bezig met nachtfotografie, als het op mijn pad komt pak ik
het mee. Wanneer een beeld mij raakt, de sfeer is daar en
er is een goede compositie van te maken, dan schiet ik zeker
een rolfilmpje vol. Vooral sfeer is belangrijk voor een goede
foto. Ik hou van een rustig beeld, compositorisch mooi opgebouwd.
Omdat ik alleen in zwart-wit fotografeer, probeer ik dichtgelopen
partijen of uitgevreten witten te vermijden.
Zeer belangrijk is om goed het licht te meten. Je krijgt lange
belichtingstijden, dus is het oppassen geblazen met fotograferen
uit de hand. Ik heb een Minolta VF meter tot mijn beschikking,
een heerlijk apparaat om mee te werken. Flitsen doe ik zelden,
mocht het een keer gebeuren dan gebruik ik de Metz 45CT3.
Voor nachtfotografie zet ik behalve de Mamiya 6 soms ook de
Yashica Mat G met zijn mooie 80mm lensje in. Daarmee kan je
eventueel nog uit de hand fotograferen bij langere sluitertijden,
want je hebt geen last van die spiegelklap die trillingsonscherpte
kan geven. Met mijn Mamiya M645 kan dat probleem overigens
worden omzeild, omdat de spiegel daarvan opklapbaar is. Maar
dan moet ik de camera op een statief zetten, en zo werk ik
liever niet. Voor de meeste camera's is een statief echter
wenselijk. Verder kan ik adviseren om een gevoelige film van
400 ASA of hoger te nemen, of de digitale camera op hogere
waarden in te stellen, want dan heb je meer speelruimte om
te diafragmeren. Maak meerdere foto's van hetzelfde onderwerp,
zo heb je later meer materiaal om uit te kiezen.
Voor bewerkingen achteraf gebruik ik Photoshop, maar hooguit
voor doordrukken en tegenhouden, en soms het aanbrengen van
iets meer contrast. Het oorspronkelijke doka-werk dus, maar
dan digitaal. Wat ik wel regelmatig doe is de negatieven inscannen
en uitprinten op een Epson 2100. Met matte inkt en mat papier
krijg je dan schitterende resultaten. Zoals ondertussen wel
duidelijk mag zijn, werk ik uitsluitend met analoge toestellen.
Heel even ben ik in het bezit geweest van een digitale camera,
maar heb hem snel weer van de hand gedaan. Wellicht leuk voor
de echte liefhebber, maar ik prefereer nog altijd de filmopnames
en het 'goddelijke' middenformaat."

Joop
van Tellingen
Website: www.fotojoopvantellingen.nl
 |
 |
"Flitsen
is geen optie, omdat mensen er van schrikken of
zelfs agressief worden. Bovendien levert het niet
de mooiste resultaten op."
|
|
"Toen
ik zestien was begon ik te fotograferen voor De Telegraaf,
en al snel nam Henk van der Meyden me onder zijn hoede bij
de Privé. Sindsdien heb ik voor alle bladen gewerkt,
de laatste zeven jaar exclusief voor het weekblad Party. Het
paparazzo gevoel zit in mijn bloed. Ik heb vuilnisbakken en
olievaten getrotseerd om foto's te maken die het publiek graag
wil zien, zoals bijvoorbeeld van het koningshuis.
Elke belastingbetaler heeft naar mijn mening het recht om
te weten wat de leden van het Koninklijk Huis uitspoken. Dat
is me niet altijd in dank afgenomen. Zo ben ik ooit in Zwitserland
naar de keel gevlogen door Willem-Alexander, die zich in het
nauw gedreven voelde. Gelukkig is onze relatie uiteindelijk
toch nog goed gekomen.
Als paparazzofotograaf probeer je uiteraard om iets zo mooi
mogelijk op de foto te krijgen, maar de nadruk ligt niet op
schoonheid. Mijn foto's voor de bladen hoeven niet superscherp
te zijn, want dan verdwijnt de suggestie van het 'betrapt
zijn'. Die sfeer moet het oproepen, dat levert het beste materiaal
op. Natuurlijk werk ik veel met telelenzen en converters,
waarmee je jezelf verborgen kunt houden. Afstanden tot 300
meter zijn tegenwoordig prima te overbruggen. Als ik 's nachts
fotografeer met telelens gebeurt dat met een lage sluitertijd,
meestal 1/30 en heel soms 1/15 seconde. Ik fotografeer steeds
vaker digitaal, voornamelijk met m'n Canon EOS-1D. Er zijn
allang betere toestellen op de markt, maar dat is in feite
overkill voor paparazzo fotografie. Het nadeel van digitaal
is dat je vrij snel uit je scherpte zit, het resultaat valt
vaak tegen. Dat gebeurt met film veel minder, de oorzaak hiervan
is mij nog niet geheel duidelijk.
Ik probeer nachtfotografie zoveel mogelijk te vermijden omdat
het ontzettend moeilijk is, maar in dit vak ontkom je er niet
aan. Flitsen is geen optie, omdat mensen er van schrikken
of zelfs agressief worden. Bovendien levert het niet de mooiste
resultaten op. Kunstlicht geeft meer sfeer aan een foto, dus
probeer ik 's nachts altijd gebruik te maken van kaarslicht,
etalages of straatverlichting. En dan bij voorkeur wit licht,
aangezien 'gekleurd' licht een opname flink kan vertekenen.
Ik begin met een zo hoog mogelijk diafragma en een sluitertijd
van een seconde, en verlaag deze stapsgewijs. Secuur werk
waarbij de camera optimaal moet worden stilgehouden, dat is
het allerbelangrijkste. Wie zonder statief fotografeert moet
op zoek naar een auto of muurtje waar de camera op kan leunen,
want de minste beweging maakt een foto onscherp en voor het
doel wellicht onbruikbaar. Ook raad ik het gebruik van filters
aan voor nachtfotografie, zoals een soft-, ster- of mistfilter.
Dan gaan de lampjes écht fonkelen en wordt het net
even romantischer. En tot slot: heb geduld. Kunstlicht reageert
altijd anders dan je denkt. Probeer jezelf geen voorstelling
te maken van het eindresultaat en raak niet teleurgesteld
als iets tegenvalt of mislukt. Het oog belazert je waar je
bijstaat."
© Olaf Bloemberg |