Print
   
 


Verschenen in:

Zoom Magazine

 
 

0

 


 
Links
   
 


Zwart-wit
Natuur

Sport
Naakt

Architectuur
Bewerkt
Thema
Nacht
Analoog of
digitaal?

 
 

 

 

  t  


 

 

 

        

 

Het dilemma van de hedendaagse fotograaf
Analoog of digitaal?


Wie op het punt staat een nieuwe fotocamera te kopen heeft het niet gemakkelijk. Het aanbod is groot, en daarnaast moet je beslissen of het een 'conventionele' analoge of 'nieuwerwetse' digitale camera gaat worden. Beide technieken hebben hun charmes en tekortkomingen. Zoom Magazine brengt licht in de duisternis, en ondervraagt vier professionele fotografen over de kwestie digitaal-analoog.

De geschiedenis van digitale camera's is exemplarisch voor de technologische verbeteringen waaraan we de afgelopen decennia zijn blootgesteld. Rond 1980 bestond er al een videocamera die 'stills' kon schieten, maar pas in 1984 kwamen de eerste digitale fotocamera's op de markt. Zoals altijd bij de introductie van een nieuwe techniek was er aanvankelijk weerstand tegen digitale fotografie. Niet zo vreemd, want de eerste camera's konden slechts 0,3 megapixels aan, zodat ze kwalitatief geen partij waren voor analoge modellen. In 1991 lanceerde Kodak de DCS-100, die werd gepresenteerd als een professionele digitale camera. Hij beschikte over een 1.3 megapixel CCD, had een intern geheugen van 260 MB en ging over de toonbank voor liefst 25.000 euro. Momenteel bieden zelfs de allergoedkoopste pretcams deze resolutie, hoewel megapixels niet heilig zijn: elke camera gaat anders om met kwaliteitsfactoren als kleurschifting, dynamisch bereik en doortekening in de schaduwen.

Opmars
Halverwege de jaren '90 ontwikkelde de digitale camera zich tot een serieuze concurrent voor analoge toestellen. De techniek werd volwassen en de prijzen daalden, waardoor de interesse van de consument was gewekt. De meeste fabrikanten hadden op dat moment een of meerdere digitale modellen in hun gamma. Ook softwarematige verbeteringen droegen bij aan de opmars. Mijlpalen voor digitale fotografie waren de introductie van compressiestandaard JPEG in 1988, en het verschijnen van Adobe Photoshop in 1990. Dit programma, ondertussen beland bij versie 7, is nog steeds de standaard voor beeldbewerking, hoewel hobbyisten en semi-professionals waarschijnlijk prima uit de voeten kunnen met het veel goedkopere Paint Shop Pro.

Thomas Schlijper is wellicht de bekendste Nederlandse fotograaf op internet. Op zijn website www.schlijper.nl plaatst hij dagelijks een verse foto van een persoon, gebeurtenis of plek waar hij die dag tegenaan is gelopen. Weblogger Wim de Bie schreef hierover: "Het archief van de dagelijkse foto's gaat nu al aardig lijken op Het Beeld van Nederland in Het Begin van de Eenentwintigste Eeuw." Als voordelen van digitale fotografie noemt Schlijper snelheid en het gunstige kostenplaatje op de lange termijn. Bovendien kan hij de foto's met behulp van een laptop en cardphone overal bewerken. De Volksrant, Actieblad Ravage en Schut & Grosheide zijn op dit moment de belangrijkste opdrachtgevers van Schlijper. De freelance fotograaf betrad in april 2002 het digitale pad, na de aanschaf van een Canon D60, die hij nu nog steeds gebruikt. Schlijper koos bewust voor dit merk: "Ik werkte al met Canon analoog, dus was het wachten op de eerste Canon digitale camera die een aanvaardbaar bestandsformaat zou leveren voor een redelijke prijs. Dat werd dus de D60, die foto's van 18 MB produceert." Voor ongeveer 3600 euro, inclusief een aantal geheugenkaarten en een extra accu, was hij klaar. "Het bedrag van 3600 euro jaagde ik er gemiddeld in acht maanden doorheen aan film- en ontwikkelkosten. Inmiddels gebruik ik de digitale camera negen maanden dus nu begin ik er op te verdienen." Sinds kort werkt Schlijper uitsluitend met de D60. Alleen als tegenwicht voor het snelle karakter van het digitale werk neemt hij af en toe nog eens een oude 6x6 Yashica ter hand.

Nadat ze in 1996 was afgestudeerd aan de HKU in Utrecht, ging Yvonne Witte meteen als freelancer aan de slag. Voornaamste opdrachtgevers zijn het Ajax Magazine en het Filmfonds. Haar mooiste foto's van Ajax werden gebundeld in het boek 'In de catacomben - Over Ajax-liefde & Jongensdromen". Yvonne heeft de overstap naar een digitale camera nog niet aangedurfd. Al twee jaar geleden stond de fotografe voor de keuze tussen digitaal of analoog. Vooral uit financiële overwegingen, maar ook vanwege de kwaliteit, kocht ze toen een Hasselblad 503 CW, die voor portretten wordt ingezet. Voor het veldwerk gebruikt Yvonne een Nikon F100. Ze houdt zich vaak bezig met achtergrondreportages, zodat de snelheid waarmee ze kan produceren een minder belangrijke rol speelt. Nu magazines steeds strakkere deadlines hanteren, komt de aanschaf van een digitale camera wel degelijk dichterbij. "Ik zit vast aan Nikon, omdat ik anders al mijn lenzen kan weggooien. Misschien ga ik binnenkort overstag en koop een D1X van Nikon, die voor ongeveer 6000 euro in de winkel ligt." Het is volgens Yvonne belangrijk dat je je goed voorbereidt op de overstap: "Binnenkort begin ik met een professionele workshop Photoshop. Het werken met lagen, goed aanleveren van foto's, voorkomen van misbruik op internet, er is zoveel mogelijk met dat programma. Je krijgt opeens de functie van lithograaf erbij, men verwacht dat je van alles op de hoogte bent. Het lijkt wel alsof je een compleet nieuw vak moet leren."

Digitaal
Het belangrijkste verschil tussen digitale en analoge fotografie is het gemis van een filmrolletje in de digitale camera. Deze gebruikt geen lichtgevoelige film. Het aftasten van het beeld geschiedt door een CCD, de 'Charge Coupled Device'. Dit is een chip die zich achter de lens van een digitale camera bevindt.
Het opgevangen licht wordt omgezet in een elektrisch signaal, om vervolgens te worden gedigitaliseerd. Een CCD bestaat uit een groot aantal lichtgevoelige fotodioden, die min of meer kleurenblind zijn. Een speciaal interpolatiefilter verdeelt de fotodiodes in de categorieën rood, groen blauw. Deze gegevens worden opgeslagen in het geheugen van de camera, zoals een diskette, een cd of een Compact Flash kaart.
Voordelen van digitale fotografie zijn transparantie en verwerkingssnelheid. In één oogopslag zie je op het LCD-scherm of een foto bruikbaar is, bijvoorbeeld qua belichting of uitsnede. Vervolgens kun je hem direct op de computer bekijken, bewerken of versturen. Een ontwikkelcentrale komt er niet meer aan te pas. Bovendien is een analoge fotograaf veel tijd kwijt aan het onder controle brengen van de randomstandigheden, zoals de sluitertijd en de belichting. Wie digitaal fotografeert, kan een foto op de computer nog uitgebreid corrigeren of manipuleren.

Analoog
Marketeers doen het voorkomen alsof de combinatie van een digitaal fototoestel en een goede fotoprinter het equivalent vormt van een perfect digitaal lab. Het is een feit dat ook de onervaren gebruiker direct heel aardige afdrukken met een fotoprinter kan produceren. Maar wie het afdrukproces wil perfectioneren, loopt tegen een aantal problemen aan, die geïllustreerd worden door steeds terugkerende vragen. Waarom is mijn print zo anders van kleur dan wat ik op mijn beeldscherm zie? Waarom heeft mijn zwart-wit afdruk een blauw- of groenzweem? Waarom verkleuren mijn foto's zo snel? Fotografen in spé moeten onderkennen dat het zelf maken van goede kleurenafdrukken, die ook nog eens bestand zijn tegen veroudering, bepaald niet eenvoudig is. Voor analoge fotografie zijn allerlei soorten films verkrijgbaar, die stuk voor stuk uitblinken op een bepaald terrein. Diafilms bieden optimale kleuren en detaillering, waarvan het hart van de echte liefhebber harder gaat kloppen. Bij kleurnegatief films kan worden gekozen tussen zachtere films voor portretten, of films met een grotere kleurverzadiging voor landschappen. Verder bestaat er een rijk assortiment zwart-wit films, elk met een eigen karakter. Veel fotografen steken de loftrompet over hun 'ouderwetse' gereedschap en vinden het helemaal niet nodig om de overstap naar digitaal te maken.

Tot vier jaar geleden werkte Edith Paol in een studio waar ze van allerlei digitale apparatuur gebruik kon maken. Sinds ze als freelancer vanuit huis werkt, heeft ze niet vaak meer een digitale camera in handen. Haar grote liefde zijn portretten, maar voor reclame- en architectenbureaus fotografeert ze soms ook gebouwen en producten. "Voor portretten gebruik ik analoge camera's, een EOS 1 en Mamiya 645. Storend aan digitale camera's vind ik dat ze bij het moment van afdrukken last van vertraging hebben, terwijl juist voor portretten timing heel belangrijk is." Er spelen nog meer argumenten een rol: "Waarschijnlijk ziet bijna niemand het verschil, maar ik merk toch dat de kleuren van digitale foto's enigszins 'platslaan'. Een dia blijft voor mij de beste referentie. Daarnaast leidt het LCD-display van een digitale camera teveel af. Als ik mensen fotografeer wil ik me volledig kunnen concentreren op de communicatie, dat vind ik heel belangrijk." Paol heeft weliswaar thuis de beschikking over een donkere kamer, maar gebruikt die eigenlijk nooit. Ze digitaliseert de foto's met een filmscanner van Minolta. Een eigen website is er nog niet van gekomen, maar wellicht dat daar binnenkort eens aandacht aan wordt geschonken. Voorlopig zijn enkele van haar foto's te bewonderen op www.yimage.net/edithpaol. De hoogzwangere Paol is op dit moment in de 'digitale oriënteringsfase': "Vermoedelijk kies ik binnen een jaar voor digitaal, maar ik wil zeker weten dat zo'n camera aan alle eisen voldoet. Het kostenplaatje baart me zorgen, naast het feit dat er meestal binnen enkele maanden een beter model op de markt verschijnt. Een bedrag van 20.000 euro gooi je natuurlijk niet achteloos over de balk."

Fotograaf Peter Schut (www.peterschut.nl) werkt voor zijn opdrachtgevers, zoals magazines en reclamebureaus, nog steeds met analoge toestellen. Voor reisreportages gebruikt hij een Canon EOS 5, voor het overige werk een Mamiya RB 6x7. Hij betitelt zijn werkwijze als 'ambachtelijk'. "Dat ik nog geen digitale camera bezit, heeft in eerste instantie te maken met een bepaalde gewenning tussen mij en mijn klanten. Ik kan goed uit de voeten met diamateriaal, bovendien ben ik er zeker van dat het gedrukte resultaat uiteindelijk oogt zoals ik het bedoeld had." Een nadeel van deze werkwijze is wel dat de belichting tijdens het fotograferen en de ontwikkeling na afloop precisieklussen zijn. Naderhand is er nauwelijks correctie meer mogelijk zoals bij digitale foto's. "Een belangrijk argument voor analoog betreft het ontbreken van een digitale kleurenstandaard. Ik ben er zeker van dat dia's op mijn gecalibreerde lichtbak er precies hetzelfde uitzien als bij de drukker. Dat is met digitale foto's altijd maar afwachten. Elk programma heeft zijn eigen manier van het omzetten van RGB naar CYMK, je bent nooit zeker van het eindresultaat.", zegt Schut. Hij vervolgt: "Een tweede argument is dat de kwaliteit van een dia sowieso goed genoeg is voor A3-afdrukken. Een digitaal bestand in dat formaat gaat al gauw richting de 80 MB, dus heb je ontzettend veel geheugen nodig." Of digitale fotografie daadwerkelijk tijdsbesparing oplevert, valt volgens Schut te betwisten. "Vooral in archivering kan een hoop tijd gaan zitten. Als al dat materiaal op je computer staat en je kunt er iets mee doen, dan doe je het ook. Nu berg ik mijn dia's op en ben ik klaar."

Conclusie
Digitale camera's zijn fascinerende apparaten met veel mogelijkheden. Het resultaat kan indrukwekkend uitpakken, zowel via fotoprinters als online labs. Er is echter een keerzijde: ze zijn relatief duur in aanschaf, hebben een hoge afschrijving, springen niet zuinig om met batterijkracht en de kwaliteit van de thuisprints laat soms te wensen over. Zoals ook in de interviews doorschemert, zal analoge fotografie voorlopig niet verdwijnen ten gunste van digitaal. Beide technieken hebben voor- en nadelen. Aanhangers van analoge fotografie zweren bijvoorbeeld bij 'barietdruk' voor de mooiste zwart-wit opnamen. Het gevoel van een dia op een lichtbak blijkt sowieso bijzondere gevoelens teweeg te brengen. Maar het moet gezegd worden: de nieuwste 14-megapixel camera's benaderen hun analoge broertjes in beeldkwaliteit, en ook goedkopere modellen produceren steeds betere afbeeldingen. Wie bereid is om naast de camera te investeren in een goede printer, kan met een gerust hart de analoge fotografie vaarwel zeggen.

Tekst: Olaf Bloemberg (met dank aan Paul Matthijsse)

Naar boven!

einde