Inleiding
De term 'bovenbewustzijn' lijkt in
zwang te komen. Bijv. bij Teasdale*.
Hij definieert bovenbewustzijn als
'het rijk van het goddelijke'. Om toegang te krijgen tot dat bovenbewuste is
het volgens Teasdale nodig om de andere vormen van bewustzijn in je zelf te
hebben geïntegreerd. Die andere vormen zijn dan het dagelijkse bewustzijn en
het onbewuste. Hieronder iets over ons onbewuste en hoe we onbewuste inhouden
naar boven kunnen krijgen. Nieuw is de gedachte dat dezelfde afweermechanismes
die we gebruiken tegen het kennen van onbewuste zaken, ook een rol spelen in
het afhouden van het bovenbewuste, 'Het koningkrijk der Hemelen', dat zich
volgens Jezus immers in onszelf bevindt.
Door in te zien welke verdedigingen wij gebruiken om niet in
contact te komen met onze eigen goddelijke vonk, kunnen we die afweer
verminderen. Daarnaast vind je hier oefeningen die actief het openstaan voor
het Goddelijke stimuleren.
*Wayne Teasdale: Het Mystieke Hart;
Deventer,
Ankh-Hermes. isbn: 90 202 82229 8.
Het onbewuste en het ego
Freud maakte een plattegrond
van de menselijke psyche. Daarin was een soort kelder waarin alle ongeoorloofde
impulsen en soms ook nare ervaringen werden weggestopt: het onbewuste. De
kelder wordt bewaakt door een politieagent, die zorgt dat er niets uit de
kelder kan ontsnappen en die handlangers van buiten, die ontsnapping mogelijk
zouden kunnen maken buiten de deur houdt. De naam van deze agent is ego.
Om zijn taak te kunnen vervullen
maakt het ego gebruik van een aantal trucs die Freud
ons ook heeft uitgelegd, hij noemde die trucs verdedigings-mechanismen. Die
trucs lukken niet altijd, iets van de inhoud van de kelder kan naar buiten
komen via dromen, vrije associatie, vergissingen (fehlleistungen) en
conversieverschijnselen (bijv. maagpijn als ons iets
'zwaar op de maag ligt'). Om het 'ken Uzelve' uit te breiden naar wat zich in
onze kelder, in ons onbewuste, bevindt kunnen we wellicht deze twee sporen
volgen: actiever gebruik maken van de flarden die uit de kelder
ontsnappen en leren ontdekken welke ego-trucs wij plegen te
hanteren, om ze daardoor beter te kunnen uitschakelen.
Door het ego te omzeilen kunnen we
ook beter toegang krijgen tot ons bovenbewust zijn. Mijn vermoeden is nl. dat
zoals het ego er voor zorgt dat onbewuste zaken ook onbewust blijven, het er
ook voor zorgt dat het bovenbewuste niet tot ons 'gewone' bewustzijn kan
doordringen.
(Zie ook Ken Wilber die
psychologische en esoterische ontwikkeling als een doorgaand proces ziet en The
Course in Miracles, waarin aangegeven wordt dat we niet afgescheiden kúnnen
zijn van wat we doorgaans God noemen.)
samenvatting
van Ken Wilber’s The Spectrum of Consciousness (NL)
Ons geweten en het ego
Hoe onze politieagent, het ego, er
voor zorgt dat wat onbewust is, dat ook blijft is vooral door wetshandhaving.
Ons ego voert de orders uit die door het Uberich, zeg maar ons geweten, worden
uitgevaardigd, dit mag wel en dat niet.
Dat verdringing, het in de kelder
houden van niet goedgekeurde neigingen, gevoelens en driften, tot ziekte en
ontsporing kunnen leiden is genoegzaam bekend. Bijv.:
Mensen die niet boos mogen worden kunnen in een vlaag van
'verstandsverbijstering' - de druk van de weggestopte gevoelens is zo groot
geworden, dat zelfs de politieagent ze niet meer tegen kan houden - tot
moorden komen. Het lijkt ook om deze redenen dus wenselijk om meer kennis
te hebben van wat zich in onze psychische kelder schuilhoudt. Als middelen
daarvoor hadden we al:
·
Actief gebruik maken
van de flarden die uit de kelder ontsnappen.
·
Leren inzien wat die
ego-trucs zijn om de kelderdeur dicht te houden, zodat we die kunnen
omzeilen.
·
En wat er nu bijkomt
is: Kunnen we ons geweten wat losser maken?
Het
geweten
Waarden
en normen: niet bestaande hogere principes die wij aanroepen om anderen te
laten doen wat wij willen of om onszelf te laten doen wat wij niet
willen. (Alberto
del Niente al Nada)
Waarden en normen lijken soms
objectieve grootheden die een bestaansgrond lijken te hebben buiten onszelf om.
Een norm als: gij zult niet doden, accepteren wij
als iets dat iedereen wel zal delen. Maar in oorlogstijd worden er medailles
voor uitgereikt. En als koppensneller bewees je je volwassenheid ermee.
Achter het hanteren van waarden en
normen gaat m.i. heel vaak gewoon een egoïstisch motief schuil, waar wij meer
kracht aan geven door niet te zeggen: 'ík wil', maar door het te benoemen als
'Hét hoort'.
De uitspraak: 'Mensen horen zich
aan hun afspraken te houden' geeft meer 'geldigheid' aan onze wens dan: 'Ik ben
teleurgesteld dat je zo laat kwam'.
Wanneer we minder vanuit absolute normen en regels leven,
worden we toegevender voor spontane gevoelens en ingevingen. Daarmee zetten we
ook de deur naar het onbewuste iets meer open.
Het onbewuste laat zich kennen
Zoals eerder omschreven krijgt het
ego het niet voor elkaar om alles wat zich in het onbewuste bevindt volledig
onzichtbaar te houden. Stukjes van de inhoud laten zich kennen door a) dromen
b) vrije associatie, c) vergissingen en d) conversie.
Dromen
Wat niet kan of mag worden geweten
komt soms vermomd in onze dromen naar voren. Die vermomming laat zich nog wel
eens doorprikken.
Oefening: dromen verklaren
Wat helpt bijv. is om je droom, als je die nog weet, aan iemand, of voor jezelf hardop, te vertellen in de tegenwoordige tijd: dus: ik loop in een bos, plotseling is daar een tijger enz. Het op die manier zo goed mogelijk herbeleven van de droom kan je soms al veel opleveren aan betekenis en verheldering.
Vraag je zelf ook af wat je
stemming was in de droom. Voelde je je bang, opgewekt, avontuurlijk etc.
Een tweede stap is om alles wat
zich van enige betekenis in jouw droom heeft voorgedaan als een stukje van je
zelf te zien en opnieuw daarover een 'ik verhaal' te vertellen: ik ben een
tijger, ik loop door een bos, en ineens zie ik een man lopen. Hij lijkt bang
voor me en daar baal ik van...
Als je wilt, kun je dit nog
verder uitdiepen door de verschillende onderdelen van de droom met elkaar te
laten praten. Bijv. de tijger: 'hé, Jan, waarom ben je
bang voor me? Ik wil je iets gaan vertellen, maar als je wegloopt, voel ik me
alleen maar door jou afgewezen...'
Jan: 'ik ben bang dat je me zult
opeten.' (Hetgeen zou kunnen betekenen dat Jan bang is
overweldigd te worden als hij naar het agressieve stuk in zichzelf (de tijger)
echt zou luisteren.)
Je kunt deze zelfde techniek gebruiken met voorwerpen om je
heen: Ik ben een tafel, ik sta rustig en stabiel en zonder voorkeur ondersteun
ik alles wat mensen op mij kwijt willen. Het kan je meer zicht geven op je
eigen gevoelens en levenshouding.
Zie ook: Gestalttherapie
Vrije associatie
Vrije associatie is het proces waarbij je van de ene
gedachte op de andere komt. Als je een beetje afstand kunt nemen tot je eigen
denken, een observator wordt van wat je hersenen je voortoveren, is die ketting
van gedachtensprongen goed te volgen.
Dit is wat in feite centraal
staat in een goede psychoanalyse. Maar je kunt het ook prima voor jezelf
doen. Stel je hebt ruzie met iemand, zie die ander persoon dan in gedachten
voor je, en kijk 'wat er boven komt'. Misschien een beeld, bijv. dat je die ander in elkaar slaat, of juist dat je jezelf
verstopt. Laat het gebeuren, volg het. Misschien terwijl je die ander in elkaar
slaat, krijgt die ineens het gezicht van iemand
anders, die vroeger iets soortgelijks met je heeft uitgehaald. Of je doodt je 'vijand' en voelt je intens verdrietig door het
verlies van hem of haar. Dat zou je op het spoor kunnen brengen van: ik wil hem
of haar niet kwijt; misschien een veel dieper gevoel dan ik ben boos op
hem/haar.
Vergissingen
Freud zag vergissingen meestal in
taaluitingen; in woord en geschrift. Het onbewuste laat ons iets anders zeggen dat
we bewust bedoelen. Een bekend voorbeeld is dat van het jongetje dat van zijn
moeder te horen krijgt: Denk er om dat straks als tante Amalia komt je niets
over haar dikke neus zegt. Als het jongentje later voor zijn tante thee
inschenkt vraagt hij aan zijn tante: 'Tante, wilt U
suiker in uw neus?' Boeiender vind ik zelf de 'vergissingen'
zoals die in gedrag naar voren komen, een telefoonnummer vergeten van iemand
die je eigenlijk niet wilt bellen, de weg niet kunnen vinden als je een
afspraak hebt waar je helemaal niet wilt zijn. Een stap verder, maar dan
zitten we eigenlijk al in het esoterische, is: elke gebeurtenis opvatten als
iets dat betekenis heeft: Iemand die ik bel is in gesprek: Wil ik hem wel
bellen? Heb ik mijn motief duidelijk? Is mijn motief eerlijk?
Conversie-
Letterlijk betekent de term:
omzetting. In dit geval het omzetten van psychische spanningen in lichamelijke
verschijnselen. Freud keek naar extreme voorbeelden: toen iemands arm verlamd
was, bleek dat te genezen toen duidelijk was dat er angst voor masturbatie
onder zat. Dichter bij huis kennen we allemaal de ervaring dat als we ergens
naar toe lopen waar we tegenop zien, ons lichaam traag wordt, verlangen we naar
de plek waar we willen zijn dan 'vliegen' we erheen.
Volgens de 'orenmafia', bijv.
Louise Hay, is elke ziekte psychisch. Laten we er wat vanaf doen en zeggen
dat ziektes vaak ook een psychische component hebben. Je kunt die component op
het spoor komen door te gaan praten met je ziekte: waarom ben je er, wat doe je
vóór me?
Alles wat we denken en voelen
heeft invloed op ons lichaam. Kijk maar eens wat er met je lichaam gebeurt als
je boos bent, of een seksuele fantasie maakt. Alle belangrijke dingen die we
ooit gevoeld hebben zitten zelfs nog steeds in ons lijf. Zodoende kunnen we ons
lichaam prima gebruiken om te ontdekken wat we eigenlijk voelen, of wat ons nog
van vroeger dwars zit. De therapievorm 'focusing' maakt van deze ingang
gebruik.
Richt je aandacht op je lichaam,
tast het af van kruin tot voetzolen en kijk of er een plek in je lijf is waar
je aandacht blijft hangen. Concentreer je een minuut op dit lichamelijke
gevoel. Beschrijf voor jezelf hoe het lijfelijk voelt. Drukt het, steekt het,
is het constant of varieert het, is het duidelijk omlijnd of is er een
uitstraling e.d. Laat daarna een beschrijving van een psychologisch gevoel bij
je boven komen, en controleer of dit psychologische gevoel klopt met het
lichamelijke gevoel.
Een voorbeeld: stel dat het je maag
is dat de meeste aandacht vraagt. Richt je aandacht dan op dat gevoel in je
maag. Probeer te beschrijven wat je daar voelt: bijv.:
een drukkend gevoel, alsof iemand met een vuist op mijn maag drukt. Er zit
weinig verandering in. Het maakt me een beetje misselijk. Het psychologisch gevoel kan zijn: ik voel me in bedwang
gehouden, of ik voel me klem gezet, of misschien: ik kan wel kotsen. Als de
woordkeus goed is, je het psychologische gevoel juist hebt omschreven,
verandert er wat in het lijfelijke gevoel in je maag.
bron: Gendlin:
Focussen. Haarlem, De Toorts, 1981
samenvatting van dit boek door A. Heer
De ego-trucs
Hun zondagse naam is
verdedigingsmechanismes.
Het zijn de manieren van het ego
om onbewuste impulsen te beletten om door te dringen tot ons bewustzijn.
Bijvoorbeeld: Reactie formatie:
het omgekeerde van wat moet worden verdrongen, wordt overdreven. Soms wordt het
bewust gebruikt. Ik geef een tweetal voorbeelden van bewust gebruik
omdat het het mechanisme inzichtelijk kan maken. Bijv. Demostenus, de man
die een spraakgebrek had en zichzelf dwong om een groot
redenaar te worden. Of een rolstoeler die een overwinning op zichzelf
behaalt door aan de vierdaagse mee te doen.
Onbewust kan bijv. zijn de milieufreak, die zijn behoefte om alles te bevuilen,
aan alles schijt te hebben, met het tegendeel bestrijdt.
Een goede eye-opener voor je zelf
kan zijn: zit er meer emotionele lading in wat ik zeg of doe, dan de situatie
vraagt. Iemand die beweert: we moeten stellig oog hebben voor het milieu, ook
onze kinderen moeten op een schone aarde kunnen leven, geeft een verstandige
visie ten beste. Iemand die zegt: 'die klootzakken bij Shell, hoe durven ze',
is waarschijnlijk bezig met zijn eigen persoonlijke, onverwerkte, emoties uit
zijn kindertijd. [bijv. heel erg veel afkeuring gehad
toen hij op 2 of 3 jarige leeftijd met zijn eigen uitwerpselen wilde spelen;
hij identificeert zich nu met zijn ouders (streng Uberich) en bevestigt de norm
van zijn ouders: bevuilen mag niet. Om daarmee zijn kindsbehoefte, eens lekker
te gaan smeren met poep, naar de verste uithoek van de onbewustzijnskelder te
verdrijven]. Een voorbeeld dat wat dichter bij huis ligt is de vrouw die tegen
haar man zegt: jij luistert ook nooit. In het 'nooit' zien we de overdrijving, hetgeen zou kunnen duiden op een tekort aan aandacht in de
kindertijd. Niet de vroegere pijn wordt gevoeld over het gedrag van de ouders,
maar alleen de boosheid nu, naar haar man, wordt ervaren.
Ontkenning en projectie
Naast 'overdrijven van het
tegendeel', kennen we als ego-truc: ontkenning: Ik bén helemaal niet
bóós!!! Dat is dan een ontkenning van eigen gevoel,
maar je kunt uiteraard ook dingen in de buitenwereld ontkennen omdat ze niet
overeenkomen met wat jij zelf voor waar houdt: bijv. het
ontkennen van het bestaan van paranormale verschijnselen. Zo zijn er nog een
heel stel verdedigingsmechanismen te onderscheiden, waarvan projectie misschien
wel de bekendste is. Eigenschappen, gedrag, gevoelens die je bij jezelf
ontkent, zie je heel sterk bij anderen aanwezig. Of zoals kinderen het
benoemen: wat je zegt ben je zelf.
Ik heb iemand eens de volgende
vuistregel horen noemen: als je boos bent op iemand is dat omdat hij iets
doet dat jij ook doet, maar van jezelf niet ziet, of omdat de ander iets doet
dat jij ook wel zou willen doen, maar niet durft.
Algemene regel
Om niet iedere keer als zich iets
voordoet, uit te hoeven zoeken welk verdedigingsmechanisme op dat moment
precies aan het werk is, is het handig om een algemene regel te hebben, iets
waaronder alle verdedigings-mechanismes vallen. En die regel is naar mijn idee:
te. Iedere keer als je met meer of juist met minder
emoties reageert dan andere mensen doen is er sprake van dingen in het
onbewuste die hun partijtje meeblazen. Je kunt ook zeggen is er sprake van 'oud
zeer', pijn of boosheid die je in het verleden hebt opgelopen en die toen
onvoldoende ruimte kregen c.q. verwerkt zijn. De overdreven reactie in het hier
en nu is dus een prima ingang om te ontdekken welke gebeurtenissen er in het
verleden waren die een soortgelijk gevoel opriepen.
Dat 'te' geldt natuurlijk ook voor
gedrag: te hard werken kan een overdekking zijn van de pijn: ik mag er
eigenlijk niet zijn. Te lui kan betekenen: angst om als je iets aanpakt het
fout te doen, dus pijn over kritiek in een ver verleden.
Verschil psychologie en esoterie
Hierboven ging het
over: anders dan het gemiddelde reageren als ingang voor oud zeer. Dat is de
houding van de psychologie: emoties in proportie met de omstandigheden is o.k.
Als je niet 'gemiddeld' reageert, te lang verdrietig, te snel boos bent, is het
handig om in therapie te gaan. De psychologie wil best wel
wat sleutelen aan het ego, maar het moet wel intact blijven. De esoterie, de
mystiek daarentegen zegt dat het ego in zijn geheel
het afweermechanisme is tegen bovenbewustzijn
Voor de esoterische weg geldt dus
dat alle emotie en ook alle denken en gedrag dat uitgaat boven zorg voor eten,
drinken en onderdak, een aanwijzing is dat er nog iets moet worden opgeruimd.
Dat er nog oude bewustzijnsinhouden en egoverlangens zijn die ons uit het hier
en nu halen.
De esoterische literatuur wijst
ons enerzijds op hard werken om het ego te doorzien en
los te laten, anderzijds op 'genade', een kwantumsprong waarbij mensen in één
keer hun totale ego (even?) kwijt kunnen zijn.
Dergelijke vlagen roepen soms een onstilbaar verlangen op
naar meer: we gaan de weg van de mystiek. En dan komt de vraag: kan ik iets
doen om deze ervaringen naar mij toe te halen, ze vaker en/of langer te
beleven?
Geloven-in-een-hogere-macht
De activiteiten die we zelf kunnen ontplooien om ons
bovenbewustzijn meer te openen lijken te draaien om drie dingen: 1. willen/durven geloven in een hogere macht. 2. Ons ego
verminderen, en 3. ons ego totaal laten vallen.
Het willen geloven in een hogere macht. Elk volk, elke
cultuur, hoe oud of afgelegen ook, kent een religieus besef. Ook als je niet
'gelooft' dat er buiten deze fysieke wereld nog iets anders is, kan het handig
zijn om te doen alsof dat wel zo is. Een placebo (een niet
werkzame stof) kan mensen van hun lichamelijke klachten afhelpen, niet omdat
het chemisch werkzaam is, dat is het niet, maar omdat de gebruiker gelooft dat
het dat wel is. Het geloof is hier belangrijk, niet of waar je in
gelooft ook werkelijk bestaat.
Zo is het m.i. ook niet van
wezenlijk belang of God werkelijk bestaat, en leiden de discussies over een
immanente of transcentente God, een God die in jezelf zetelt, of een God ergens
buiten je, vaak alleen maar tot verwarring.
Bij de volgende oefening waarbij mensen vaak hele wijze
antwoorden krijgen, vragen ze zich vaak af, ben ik dat toch niet zelf, die dat
bedenkt? Mijn reactie is dan…wat maakt het uit?
Laat al je spieren zich ontspannen. Loop daarbij je lichaam
af van je kruin tot je voetzolen. Het is prettig als je daarbij je ogen kunt
sluiten.
Stel je daarna voor dat je terwijl de zon net opkomt een voettocht
maakt door de bergen. Het is een zware klim die je maakt. Na verloop van tijd
kom je aan op een plateau. De zon staat al wat hoger en je hebt een prachtig
uitzicht. Aan de rand van het plateau zie je nu een wit gebouwtje staan. Je
loopt er naar toe, gaat naar binnen, en in het gebouw heerst een gedempt wit
licht. Terwijl je ogen langzaam aan het duister wennen, zie je in het gebouwtje
een oude wijze man of vrouw zitten.
Kijk naar zijn of haar gezicht en zie hoeveel liefde het
uitstraalt.
Begroet dan deze oude wijze figuur.
Je kunt nu aan hem of haar
een vraag stellen, een vraag die al een tijd belangrijk voor je is. Kijk naar
de oude wijze man of vrouw en let er op hoe hij of zij reageert. Misschien
reageert hij in woorden, maar wellicht ook door een gebaar, een
gezichtsuitdrukking, of misschien laat hij je wel iets zien.
Begrijp je wat hij tegen je zegt? Heb je nog meer vragen
aan hem? Wat is jouw gevoel naar hem of haar toe?
Als je het gevoel hebt dat je voor dit moment uitgesproken
bent, bedank je de wijze figuur, neem je afscheid en je weet dat je altijd weer
terug kunt komen.
Dan loop je langzaam het pad door de
bergen waarlangs je omhoog gekomen bent weer af. Als je beneden aangekomen bent
open je je ogen en merk je dat je weer terug bent in de kamer.
Zie
ook: John Stevens: Awareness; Palo Alto,
Am.
W. publ. Comp, 1971, blz.161
Mijn hele leven ben ik overtuigd geweest van de noodzaak van
een contact tussen de mens en het goddelijke. Deze interactie
is niet alleen weggelegd voor profeten, bodhisattvas en andere grote spirituele
meesters, het is er ook voor ons: gewone stervelingen met een gewoon leven. Het
is een deel van onze natuurlijke vermogens om een van de duizend namen
waaronder God bekend is, aan te roepen. En het ligt ook binnen ons vermogen om
het antwoord te ontvangen en te ontcijferen.
Vraag, en het antwoord is waarschijnlijk de oudste impuls
die we kennen. De mensheid heeft altijd naar boven gekeken en diep gebogen voor
de mysteries van het universum en God gevraagd om zijn aanwezigheid. Mozes,
Boeddha, Jezus, Mohammed
(religies ontstaan door aanhangers van geschokte profeten)
begrepen dat, als je God aanroept hij ook daadwerkelijk kan verschijnen.
Christina
Baldwin: For times like these
Hoe-blokkeren-we-ons-bovenbewuste?
Net als wij verdedigingsmechanismes hebben tegen het kennen
van inhouden die zich in het onbewuste hebben verstopt, hebben we ook
verdedigingsmechanismes tegen ons bovenbewuste. Het bovenbewuste kun je zien
als de plaats waar God zich verstopt.
Reactie formatie (overdrijven
van het tegendeel): het: ‘ik ben aan god gelijk’, wordt ontkend door het
tegendeel te overdrijven: ik ben niet waard om…ik ben
schuldig. Mea maxima culpa.
Projectie (het bij je
zelf te ontkennen deel toeschrijven aan iemand anders): Jezus is goddelijk, en
hoe meer ik die vereer, hoe duidelijker ik bevestig dat ik dat dus niet ben, of
hoef te zijn.
De vraag waar het om draait is uiteraard, welke overweging
gebruik ik, gebruik jij, om niet te hoeven geloven in onze eigen goddelijkheid
en/of ons vermogen om ons rechtstreeks in verbinding te stellen met 'God'? De
volgende oefening kan je helpen die vraag te beantwoorden:
Oefening:
wat plaats je tussen jou en een hogere macht in?
Maak in je fantasie een
voorstelling van God.
Het plaatje van de oude wijze man met de baard bijv. of
wat er bij jou maar boven komt. Plaats jezelf ook in die fantasie en kijk of je
gewoon naar God kunt toelopen en een praatje kunt maken of dat er iets is dat
je tegenhoudt.
Behalve ontdekken hoe wij onze eigen goddelijkheid, dan wel
mogelijkheid om in contact te treden met een externe God blokkeren, kunnen we
ook dingen doen om het te stimuleren. Wat doorgaans neerkomt
op minder ruimte geven aan onze privé-belangen, ons ego.
Volgens de Tarot-kaarten gaat het leven van onbewuste vrijheid naar bewuste vrijheid. Je vindt in de esoterische literatuur ook omschrijvingen als van onechtheid naar oprechtheid, van egoïsme naar altruïsme, van onwetendheid naar eerlijkheid jegens jezelf, van illusie naar waarheid. Het leven is een reis van hypocrisie naar oprechtheid, van ikgerichtheid naar liefde en de gerichtheid op anderen, van zelfbedrog, onwetendheid en illusie naar eerlijkheid, duidelijkheid en waarheid.
Bekende elementen die een rol
spelen om de weg van de mystiek te gaan:
1. Je houden aan door anderen voorgeschreven moraliteit:. Bijv. aan de 'tien geboden' of
in Boeddhistische termen aan het achtvoudige pad.
Wanneer dit een 'moeten' gaat inhouden heeft het vaak een
negatieve uitwerking: we voelen ons schuldig, bejegenen onszelf met zelfverwijt
als we er niet aan voldoen, vaak zelfs als we alleen maar de impuls voelen om
er niet aan te voldoen. Bovendien gebruiken we de normen vaak om kritiek te
hebben op anderen. De samenvatting die Jezus er aan gaf is een hele diepe wijsheid: handel ik uit liefde? Uit liefde voor
God, voor mijn medemens, voor mijzelf.
2. Empathie: Ons ego wil ons doen
onderscheiden van anderen. Het kan behulpzaam zijn om ons af en toe werkelijk
te verplaatsen in de situatie van een ander. Hoe zou ik me voelen als ik die
ander was? Stel dat het míjn vader is die overleden is, of: hoe zou ik me
voelen als ik die zwerver was.
3. Oordelen loslaten: Elke keer als
je een oordeel velt over een ander, dit zien als projectie: wat zegt het over
mijzelf, waarom hindert het mij? Wanneer heb ik hetzelfde
gedaan als wat ik nu bij die ander veroordeel?
'Als je denkt dat alles wat gebeurt de fout is van iemand anders, zul
je veel lijden. Wanneer je je echter realiseert dat alles zijn oorsprong vindt in
jezelf, zul je zowel vrede als vreugde leren kennen'.
Vrij naar: H.H. De Dalai Lama
4. Nederigheid: De minste
willen zijn in een situatie, toegeven, ruimte geven aan een ander komt vaak die
situatie ten goede.
Maar nog belangrijker is dat het ego even niet de kans krijgt om zichzelf bot
te vieren. Laat een ander voorgaan: in het verkeer, in de rij bij de kassa, in
een gesprek.
Ik reed
door de stad terwijl ik ontzettend kwaad was. Alles ging mis die ochtend. Mijn
boosheid was te merken aan de manier waarop ik reed. Ik wilde wel overal dwars
doorheen rijden. Toen kwam ik tegelijk met iemand anders bij een kruising, en
ik wilde hard doorrijden, voorrang of niet, toen er
iets wonderbaarlijks gebeurde. De andere chauffeur glimlachte vriendelijk naar
mij en gebaarde mij door te rijden. Drie straten verder trof het mij als de
bekende bliksem. Die man leefde in een heel andere wereld dan ik. Ik was
geschokt door de ontdekking van de fantastische waarheid dat ik ook op een heel
andere manier in het leven zou kunnen staan.
Uit de Tao Teh Tsing: De wijze verzamelt niet. Hoe meer
hij voor anderen doet, des te meer bezit hij zelf. Hoe meer hij aan anderen
uitdeelt, des te meer heeft hij zelf.
Een vorm van nederigheid is ook
dankbaarheid:
Oefening:
dankbaarheid
Sta in verloren
ogenblikken, wachtend bij de kassa of voor een stoplicht, stil bij de dingen
waarvoor je dankbaar kunt zijn. Maak voortdurend de zin af: ik ben dankbaar
voor…of als je gelovig bent: Heer, ik dank
U voor….
Dankbaarheid lijkt een eigenschap die je toevallig wel of
niet hebt, niet iets wat je kunt beoefenen. Maar juist het oefenen van
dankbaarheid kan een diepe invloed hebben op je leven van alledag en zo je
totale leven verrijken.
Uit: Jamie S. Walters: Options for wisdom
5. Exoterische invloeden. Externe zaken die een
spiritueel gevoel kunnen oproepen. Vroeger was dat veelal kerkbezoek. Maar ook
muziek, en kunst in het algemeen kan een intens besef
van ‘iets groters, hogers’ oproepen.
6. Esoterisch contact. Naar binnen gericht zijn.
Vroeger was dat vaak bidden. Het komt terug in 'praten met God' (bijv.: Walsch: Een bijzonder gesprek met God) en in bepaalde
visualisatieoefeningen.
7. Meditatie. Hieronder verstaan we alle oefeningen
die er voor zorgen dat je niet meer 'in' je gedachten zit, maar er naar kunt
kijken, uiteindelijk kunnen alle gedachten tot stilstand komen. Bijv. door concentratie op een voorwerp, in de fysieke
werkelijkheid of in je fantasie. Het voortdurend herhalen van dezelfde klank
(mantra), bidden van rozenkrans, het concentreren op je ademhaling. Door het
gekakel in je hoofd stil te zetten, komt er ruimte voor gevoelens, gedachten en
ervaringen die normaal niet tot ons bewustzijn doordingen.
Oefening: meditatie
Een oefening kan zijn om eerst het lichaam zo goed mogelijk
te ontspannen door van kruin tot voetzolen alle lichaamsdelen afzonderlijk zich
te laten ontspannen, door ze even te benoemen: mijn voorhoofd ontspant zich,
mijn ogen ontspannen zich etc. en vervolgens terug te tellen van 100 tot 1.
(terugtellen vraagt iets meer concentratie dan gewoon tellen). De gedachten die
bovenkomen accepteren dat ze komen, ze benoemen en terugkeren naar het tellen.
Soms zijn er dingen die je inhoudelijk zo zeer bezig houden, dat
meditatie moeilijk wordt. Het kan helpen om die dan bewust los te laten:
Oefening: loslaten
Schep om deze oefening te doen je
eigen ruimte om je heen.
Dit kun je doen door voor je,
achter je, links en rechts van je, en boven en onder je een roos te
visualiseren (in je fantasie voor je te zien), die met elkaar jouw
eigen ruimte afbakenen, een ruimte die helemaal van jou is, waarin jij de baas
bent. Als je merkt dat er mensen of onderwerpen door jouw ruimte spoken, vraag
ze dan om buiten jouw ruimte te gaan staan. Zet nu in gedachten de persoon of
de situatie waar
je zo sterk aan moet denken achter de roos die voor je staat. Voor de situatie
kun je ook een symbool gebruiken of een korte omschrijving in woorden; zie dan
in het laatste geval de tekst letterlijk voor je staan. Fantaseer een open
kartonnen doos naast je, binnen je eigen ruimte, en laat alle energie die dat
onderwerp op jouw heeft gericht uit je lichaam en in
die doos vloeien. Plak de doos dicht en stuur hem via de roos die voor je staat
retour afzender, stuur de doos dus naar het onderwerp toe.
Zie vervolgens schuin boven/voor je een zon staan, jouw
eigen zon. In die zon zit een sterke magneet, die alle energie die jij in het
onderwerp hebt gestopt eruit haalt. De zon brandt deze energie schoon tot
nieuwe, vitale energie en zendt die nieuwe energie via zijn straling terug naar
jouw lichaam.
Zie ook: Centrum voor leven en intuïtie
8. Paranormale ervaringen. Kennis over
parapsychologische verschijnselen en zeker eigen ervaringen op dit gebied
brengen ons in contact met iets dat uitstijgt bovens onze fysieke
werkelijkheid. We kunnen telepatisch met anderen in contact komen, en met onze
gedachten fysieke gebeurtenissen beinvloeden, wat een wetenschappelijke
onderbouwing geeft voor de effectiviteit van gebed. Contact met overledenen,
bijna-dood-ervaringen en aanwijzingen voor reincarnatie kunnen het bestaan van een
hiernamaals bevestigen.
9. Eenvoudig leven. Hoe meer we gericht zijn op ons
innerlijk hoe minder waarde we gaan hechten aan uiterlijke dingen als luxe en
geld.
Een mysticus, levend in een hutje in het bos bezat slechts
twee dingen, een deken en een etensnap. Op een nacht komt er een dief en neemt
de deken mee. Toen de mysticus dat bemerkte liep hij de dief achterna en zei:
mag ik u mijn nap geven, die heeft U kennelijk over
het hoofd gezien.
Bhagwan waarschuwt voor het dwangmatig proberen om dat te
bereiken: als je jezelf forceert om in armoede te leven als je daar mentaal
niet aan toe bent, blijven je gedachten toch op bezit/afstand doen van bezit
gericht.
Maar eenvoud is meer dan armoede: Een koning hoort op een
gegeven moment over een beroemde sufi-meester. Hij vraagt een gesprek met deze
meester aan. De sufi meester bericht terug: het is goed, op voorwaarde dat je
alléén komt. Op de afgesproken tijd meldt de koning zich bij de sufi wijze, na
de laatste kilometers alleen te voet te hebben afgelegd. De sufi begroet hem en
zegt: ik had U toch gevraagd om alleen te komen? Ik ben alleen, antwoord de
koning. Oh, nee, zegt de Sufi: ik zie Uw vrouw, Uw kinderen, Uw ministers en
een heleboel problemen om U heen.
Zalig zijn de reinen van hart want zij zullen God zien. matt: 5:8
10. Belangeloosheid. Het boeddhisme noemt het
loslaten. Het zijn onze verlangens en strevingen die ons doen lijden. Als je
zonder behoeftes in het hier en nu kunt zijn, reageer je als vanzelf adequaat
op wat zich op dat moment aandient. Lao Tse noemt dat: doen maar niet doen.
Misschien ook: niet mijn wil geschiede, maar Uw wil
geschiede.
Het boeddhisme spreekt ook over 'tonglen': Geef alle
voordeel en winst aan anderen, neem alle verlies en nederlaag op jezelf.
Oefening:-liefde-zenden
Vul je zelf op met liefde. Zet al je cellen in het licht,
of stempel hartjes op al je lichaamsdelen. Neem bij inademing alle ellende van
de wereld in je op en zend bij uitademing liefde naar de mensen van wie je
houdt, naar anderen die je kent, en ten slotte naar de gehele aarde.
Stuart
Wilde omschrijft het zo: 'Probeer dit eens: zend liefde naar mensen die je op
straat tegenkomt. Soms zie je ze dan om zich heen kijken op zoek naar waar die
energie vandaan komt, vaak zie je een glimlach op hun gezicht komen'.
Stuart Wilde: Communicating silently
Calvijn:
Want het is een oude en ware opvatting, dat er een wereld van zonden in de
mensenziel verborgen ligt.
Noch bestaat er andere genezing voor u dan in de ontkenning van uzelve, in het
afleggen van alle egoïstische overwegingen, om uw gehele aandacht te wijden aan
wat God van u verlangt, en dat alleen moet worden nagestreefd om deze éne rede:
dat het Hem behaagt.
Calvijn, Boek lll, hfdst. 7
Samenvatting:
De weg van de mystiek lijkt er vooral een van ja zeggen
tegen de mogelijkheid dat het 'koninkrijk der hemelen' ook in jezelf zit of
zoals Neale Walsch dat zegt: jezelf God bent, en
loslaten: loslaten van ons eigenbelang, ons ego (door het beoefenen van
nederigheid, dienstbaarheid, dankbaarheid en liefdevolle benadering van
anderen}. Loslaten van het lawaai van de wereld en het gekakel in ons
eigen hoofd waardoor we misschien de stem van onze eigen intuïtie, zo je wilt,
de stem van God kunnen gaan horen.
©: Bert Hendriks.2001