Vandaag is de zwaarste wandeling van de vakantie aan de beurt. De wandeling gaat door het Paria Nationale Park.
Om 7:00 ontbijten we weer langs
het plein. Een jeep staat al klaar om ons een stuk in de bergen te brengen.
De tocht omhoog met de jeep gaat over een slechte weg. Door de harde bankjes
ben ik blij als we er na 3 kwartier zijn.
Op een punt op de helling wordt de weg zo slecht dat we uit moeten stappen en
stuk lopen. Alleen de lege jeep kan weer uit de watergeulen komen.
Na de inschrijving vertrekken we om 9:15 uur. Het begin van de wandeling gaat volgens
verwachting :
Eerst is er een steile afdaling. Het is nevelwoud : Warm en vochtig. Na een half uur ben ik
al drijfnat van het zweet. We dragen lange broeken en lange mouwen tegen de muggen en
brandnetels. Helaas blijkt dat de muggen door de kleding heen steken (mijn schouder zit later
vol met bulten).
Uit een bergstroompje kunnen we onderweg de veldflessen bijvullen met water.
De veldflessen worden eerst snel leeggedronken om daarna weer vol gemaakt te
worden. Later zullen we vandaag nog een keer een plek vinden waar het water
bijgevuld kan worden uit een stroompje.
Doordat ik niet goed oplet wrijf ik regelmatig met mijn hand door de brandnetels. Het prikken houdt steeds na een paar minuten op, maar mijn hand is nog 2 dagen rood (blijkt later).
Na het steile dalen begint het steile klimmen. Het zweet stroomt nog iets harder
uit mijn hoofd.
Na de steile klim rusten we even op het hoogste punt uit. Iedereen is vrij rustig nu.
Nu zou het een geleidelijke afdaling worden. Echter.... na een stuk redelijk vlak en koel begint weer een steile afdaling.
De lunch eten we langs een riviertje.
Het is best een mooi plekje. Aan de overkant van het water zitten een stel kleine
kikkertjes op een rots.
De laatste kilometer naar de
rivier gaat over een iets meer open terrein. In de verte is de
caribische zee al te zien. Op een plein lopen king-size mieren over de
boomstammen en worden we gewaarschuwd om op te letten voor hun beten.
Als we bij de rivier aankomen
wordt het donker. De wandelschoenen gaan uit en de slippers worden aangedaan.
Het laatste half uur lopen we door de rivier (vol rotsen) naar Santa Isabel.
Eerst loop ik zonder zaklamp (deze heb ik net in de rugzak gedaan), maar later
pak ik de zaklamp er toch maar bij. Door de donkere rivier met rotsen is het
een heel geschuifel op mijn (gladde) slippers.
Het ijskoude bier smaakt heerlijk als we aankomen (18:30 uur) !
We logeren in een posada die aan de kust ligt (weliswaar een flink stuk boven het strand).
Na het eten gaan de tafels aan
de kant en komen er hangmatten te hangen. De zee is nu veel te woelig door de
wind om in te zwemmen. Om me te douchen loop ik nog terug de rivier in. Het
water is er redelijk warm.
Al vroeg (21:00) lig ik in de hangmat. Deze avond slaap ik slecht, misschien omdat ik te
vroeg probeer te slapen?