Dag 19: Lencois (Chapada Diamantina)


Na het ontbijt worden we om door 2 busjes opgehaald. Omdat er nog andere touristen meegaan is het 9:00 voordat we de stad uit zijn met de busjes.

Het is bewolkt vanmorgen en het dreigt te gaan regenen. Na een flink stuk gereden te hebben gaan we wandelen naar een waterval (poco do diabo, duivelsbron) in de Mucugezhinho rivier. Net nu regent het en we wachten 5 minuten bij de Mucugezinho bar, totdat het droog is.


De wandeling gaat naar de bovenkant van een waterval.


 

Ik kun je ook abseilen (dat ik ook probeer). Ze noemen het negatief abseilen omdat je met de voeten niet tegen de wand komt. Je houdt het touw achter je vast en door het te laten slippen ga je naar beneden. Voor de veiligheid staat er iemand onder bij het touw zodat je niet kunt vallen.


 

Ook kan er getokkeld worden, waarbij je eindigt in het water. Hiervoor is de belangstelling een stuk minder.

We lopen verder en komen uiteindelijk weer bij de busjes uit. Het miezert nu af en toe en het programma wordt aangepast. We gaan eerst naar de tafelberg om er zeker van te zijn dat er ook een uitzicht is.


 

 

Met het busje rijden we naar de tafelberg (morro do pai inacio, 1120 meter hoog), waar we een stuk omhoog rijden. Het laatste stukje klimmen we te voet naar boven. Hier is een erg mooi uitzicht. Er groeien cactussen op de tafelberg, die nu aan het bloeien zijn.

 


De volgende stop is bij een grot (gruta da pratinha). Hier kan gesnorkeld worden in de grot (in het donker). Dat gaan de meesten dan ook doen. Tevens kan er getokkeld worden of gewoon langs/in het water liggen.

 

Na het snorkelen beginnen de gidsen haast te krijgen. De volgende grot (gruta azul) staat bekend om zijn mooie blauwe gloed. Maar die is er niet meer na een bepaald moment op de dag. Als ik er aan kom, is in de grot de blauwe gloed nog even zichtbaar. Maar dan verdwijnt de zon achter de wolken en is het verschijnsel weg. Na een tijdje gewacht te hebben is de zon weer even terug en komt de blauwe gloed ook weer terug.

 

We rijden dan naar een grot, 12 km. verder (lapa doce). Via kleine weggetjes komen we er terecht. Dit is een grote grot waar we in gaan wandelen. Eerst is er een vrij steile afdaling in een kloof. Onderweg zien we een aantal knaagdieren in de bomen zitten.

 

 

Onder in de kloof lopen we de grot in. De olielamp van de gids zorgt hier voor de verlichting. Zelf heb ik nog een kleine zaklamp zodat het lopen gemakkelijker is. In de grot zijn veel stalagmieten en stalagtieten te zien. Overal is een verhaal bij op wat de vormen zouden lijken.

 

Als we weer boven bij de busjes zijn, is de zon al onder gegaan. De kinderen verkopen er zakjes met kleine kokosnoten (formaat kleine hazelnoot). Ik koop een zakje noten om mee naar Nederland te nemen. Niet iedereen kan thuis komen met een zak met tientallen kokosnoten!

 

Het is 19:10 als we terug zijn in Lencois. Een klein uur later gaan we eten bij een restaurant in het centrum. Ik neem vandaag spagetti. De portie is weer veel te veel voor mijzelf, maar er zijn nu nog genoeg andere liefhebbers. De bediening van het eten gaat wel minder snel.

o



de volgende dag