Dag 11: Arequipa - vlucht naar Juliaca - Sillustani - Puno


Vandaag slaap ik eens een keer echt uit (tot 7:30 uur). Na het ontbijt lopen we nog (via een internet cafe) even de stad in. De post kan nu eindelijk afgeleverd worden bij een postkantoor in het centrum.


Om 12:15 uur brengt een bus ons naar het vliegveld, net buiten de stad. Vanaf het vliegveld is de Misti vulkaan duidelijk te zien.


Het is maar een korte vlucht (13:35 - 14:00) naar Juliaca, het vliegveld in de buurt van Puno. Door deze vlucht gaan we van 2325 naar 4000 m hoogte.
De aankomsthal is erg mooi versierd. Op de bagageband staan veel poppen die elk een lokale dans van een bepaalde stam uitbeelden. Een indianen orkest speelt langs de bagageband. Al met al een gezellige drukte hier.
Buiten, bij de bus, worden we opgewacht door de eerste verkoopsters van lama/alpaca wollen kleding.

De bus brengt ons richting Puna aan het Titicaca-meer, het hoogste bevaarbare meer ter wereld (4021 m).


Een bus brengt ons naar de begraafplaats Sillustani aan het Umayo-meer, waar een archeologische plaats met graftorens te zien is. In de indrukwekkende meters hoge torens, waarvan enkele versierd zijn met afbeeldingen van poema’s, slangen en hagedissen, werden voor de Inka-tijd mummies van koningen bijgezet die werden omgeven door juwelen, wapens en kostbaar aardewerk. De torens zijn in de loop der tijd beschadigd door aardbevingen en plunderaars, maar zeker nog de moeite van een bezoek waard.

De gids vertelt dat de inca's goede marketing hebben gehad vanuit Peru. Ze hebben maar een korte tijd geheerst, maar krijgen de meeste aandacht. De pre-inca indianen hier hebben er veel langer gewoond en waren ook goed bouwers.



Omdat er een mooi zonsondergang beloofd was, blijven we totdat het donker wordt op de begraafplaats. Het is inderdaad de moeite waard om even in de kou te blijven wachten.

Het is nu niet ver meer naar Puno. In het (budget, maar verder goed) hotel lever ik eerst de was in van het eerste deel van de vakantie.

We eten in de winkelstraat. Het lijkt wel wintersport zoals de meeste touristen zijn gekleed. In het restaurant is het ontzettend heet en we zitten erg krap rond de lange tafel. Een voor een gaan de kleding stukken weer uit en zit ik toch in T-shirt te eten. Ik neem lasagne, maar dit blijkt alleen kaas en tomatensaus met vlees te zijn. Er zit geen deeg in en veel te machtig om helemaal op te eten.

Na het eten bezoeken we met een stel een disco, een stuk terug in de straat. Deze disco is pas een week open en erg druk is het niet. Wel wordt er goed muziek gedraaid, een verademing na al die panfluit muziek van de laatste dagen. Het is 13:45 als we terug naar het hotel lopen.


de volgende dag